(reclame)


Je recente release (muziek, boek of wat dan ook) gerecenseerd op onze website? Stuur deze dan naar de hoofdredactie!
Your recent release (music, book or whatever) reviewed on our website? Send it to our editor-in-chief!

 

21 juli 2021

Vinyl Recensie

INFAMOUS INSTROMONSTERS OF ROCK 'N' ROLL VOL. III
Bullseye, BE143
English version: see below

De derde vinyl LP in de reeks met ons favoriete onderwatermonster op de hoes en dan denk je uiteraard dat dit een samenvatting is van de ondertussen al in 2013 verschenen Infamous InstroMonsters Vol. 3 CD, maar dat blijkt slechts ten dele te kloppen: hoewel de hoes dezelfde is staan zes van de zestien LP tracks niet op die 22 track CD en evenmin op een andere InstroMonsters CD of LP of op de 4 track EP op rood vinyl. De openende gitaar/sax stroll Money Money kent u misschien als zijnde van Benny Joy, maar de hier vermelde uitvoerder Big John Taylor was Joy's gitarist en ze stonden in 1959 wel degelijk samen met naam op de originele single, ook op A-kant Ittie Bittie Everything. Klassiekers zijn Let's Go van The Routers (gitaar/sax) en The Rumblers' dreigende Boss, en Fat Daddy Holmes' Chicken Rock blijft een fascinerende chicken picker op de gitaar. Een andere chicken picker maar dan in Frolic Diner gitaar/sax stijl is Skippin' van Buddy Guy, een nummer dat niets te maken heeft met de blues waarmee Buddy Guy synoniem is. Evenmin blues is Blues For Two, een improvisatie op Johnny Cash's boom chicka boom sound afkomstig van één van de twee singles die The Tennessee Two & Friend uitbrachten rond 1960. Die Tennessee Two zijn gitarist Luther Perkins en bassist Marshal Grant (vòòr drummer WS Holland bij de groep kwam, de drums op de singles werden ingespeeld door een studiodrummer) en hun vriend hier was niet Johnny Cash maar pianist Floyd Cramer. Louis Jordan's sax/orgel instro The Slop uit 1958 is door zijn groovende orgeltje (Jackie Davies) mogelijk veel te jazzy voor een aantal onder u, en ook in Sounds Incorporated's live tittyshaker Sounds Like Locomotion met heel veel blazers zit zo'n groovy orgeltje. Jack Nitzsche zit een big band versie van Link Wray's Rumble voor die klinkt als dramatische filmmuziek, en Footloose van Jim Gunner & The Echoes is uptempo gitaarsurf. The Viceroys vertrekken voor hun Seagreen vanuit surf maar freewheelen daarna een beetje op een funky orgeltje. The Mexican van The Fentones is euro instro in Shadows stijl en het al even Britse Hit And Miss van The John Barry Seven Plus Four is pizzicato gitaar gekoppeld aan twang. Theme From Maigret van The Eagles is het thema van een BBC detective reeks uit 1959-1963, een typische TV tune maar dan tegelijk speels én twangy - voor mij een van de hoogtepunten op deze LP. Ook Brits is Jet Harris' Besame Mucho, de bekende Latijns-Amerikaanse standaard op twangy basgitaar begeleid door een vrouwenkoortje. De plaat sluit af met Vesuvius van The Revels, een uptempo sax/gitaar Vegas grinder. De stijlkeuze van de LP is erg gevarieerd en de selectie van de nummers is niet de standaard selectie van de altijd terugkerende rock 'n' roll's greatest instrumentals maar klinkt deels toch vrij bekend in de oren. Bullseye is de vinyl afdeling van het Spaanse rock 'n' roll label El Toro.
Info: www.eltororecords.com (Frantic Franky)

This is the third vinyl installment in the series with our favorite underwater monster on the sleeve so you automatically assume that it's a summary of the 2013 Infamous InstroMonsters Vol. 3 CD. This turns out to be only partially true because although the sleeve is the same six out of the sixteen LP tracks are not on that 22 track CD nor on any other InstroMonsters LP or CD or on the 4 track red vinyl EP. You might know the opening guitar/sax stroll Money Money as being by Benny Joy, but the performer credited here, Big John Taylor, was Joy's guitarist and they were indeed listed together on the original single in 1959, as well as on its A-side Ittie Bittie Everything. Classics include The Routers' Let's Go (guitar/sax) and The Rumblers' menacing Boss, while Fat Daddy Holmes' Chicken Rock remains a fascinating six string chicken picker. Louis Jordan's 1958 sax/organ instro The Slop may be far too jazzy for some of you due to its grooving organ (Jackie Davies), and there is also a groovy organ among the truckload of horns in Sounds Incorporated's live tittyshaker Sounds Like Locomotion. Another chicken picker but this time in Frolic Diner guitar/sax style is Skippin' by Buddy Guy, a song that has nothing to do with the blues which is synonimous with Buddy Guy. There is no blues either in Blues For Two, an improvisation on Johnny Cash's boom chicka boom sound taken from one of the two singles released around 1960 by The Tennessee Two & Friend. The Tennessee Two here are guitarist Luther Perkins and bassist Marshal Grant before drummer WS Holland joined the group (the drums on the singles were played by a studio drummer) and their friend was in this case not Johnny Cash but pianist Floyd Cramer. Jack Nitzsche presides over a big band version of Link Wray's Rumble that sounds like dramatic movie music, and Footloose by Jim Gunner & The Echoes is uptempo guitar surf. The Viceroys start from surf for their Seagreen but evolve into a funky organ. The Fentones' The Mexican is euro instro Shadows style and the equally British Hit And Miss by The John Barry Seven Plus Four is pizzicato guitar coupled with twang. Theme From Maigret by The Eagles is the theme of a BBC detective series that ran from 1959 to 1963, a typical TV tune but at the same time playful and twangy - for me one of the highlights on this LP. Also British is Jet Harris' Besame Mucho, the well known Latin American standard on twangy bass guitar accompanied by female backing vocals. The record finishes with Vesuvius by The Revels, an uptempo sax/guitar Vegas grinder. The LP's stylistic choices are very varied and the selection of songs is not the standard track listing of rock 'n' roll's greatest instrumentals but still sounds partly familiar. Bullseye is the vinyl division of Spanish rock 'n' roll label El Toro. Info: www.eltororecords.com (Frantic Franky)

CD Recensies

SOUTHERN BRED: LOUISIANA & NEW ORLEANS R & B ROCKERS
Koko-Mojo, KMCD 66
English version: see below

Southern Bred 16 is nummer 4 over Louisiana en New Orleans, en U kent het principe inmiddels: 28 voornamelijk zwarte tracks 1951-1963 opgenomen in of nabij New Orleans en/of door artiesten met links naar La Louisiane. Louisiana en met name de crescent city New Orleans hadden een heel specifiek rock 'n' roll geluid gepersonifieerd door Fats Domino, rock 'n' roll gekarakteriseerd door veel blazers en een groovy piano, muziek die zijn wortels heeft in de caraïbische muziek die de mardi gras typeert, zoals hier Roy ''Baldhead'' Byrd alias Professor Longhair's Rockin' With Fes, een veelzeggende titel voor een nummer uit 1952. Mooie voorbeelden van die New Orleans sound met veel goedgezinde blazers zijn Charles Williams' So Glad You're Mine, Clarence Samuels' Got No Place To Call My Own, Calvin Spears' uptempo (You're So Square) Baby I Don't Care/ The Mostest Girl-achtige Doing The Rock 'n' Roll, alsmede het ook van Fats Domino bekende feestelijke Little Liza Jane door Huey "Piano" Smith en die mag er dan wel zijn naam hebben opgeplakt als componist, het nummer zelf is al meer dan 100 jaar oud en werd in de jaren' 40 bijvoorbeeld al gedaan als western swing door Bob Wills. Swingende zwarte rock 'n' roll met veel blazers zijn Elmore Nixon's Forgive Me Baby, Willie Egan's I Can't Understand It en Bobby Mitchell & the Toppers' 4 x 11= 44, met als uitschieters Lloyd Price's onstuimige Rock 'n' Roll Dance, Rudy Green's al even exhuberante My Mumblin' Baby, Clarence Samuels' knettergekke zwarte rocker Slippity en creool Lennie LaCour's rockabilly song Rockin' Rosalie. Rhythm 'n' blues swing flink op weg om die rock 'n' roll te worden zijn Rudy Green's Meet Me Baby en Long John Hunter's She Used To Be My Woman, beide uit 1954. Bekende namen die schuld bekennen zijn Clarence “Gatemouth” Brown en Earl King met de rhythm 'n' blues rockers Baby Take It Easy en Everybody’s Carried Away, en Little Walter met de instrumentale mondharmonica bluesrocker Teenage Beat. Nog meer rhythm 'n' blues rock is er met Jessie Thomas' Cool Kind Lover en Classie Ballou & his Tempo Kings' D-I-R-T-Y D-E-A-L, de early sixties komen in 1961 aan bod met Richard Berry's In A Real Big Way, en Donnie Elbert's Believe It Or Not is een fijne doo-wop rocker. Op Champion Jack Dupree's Deacon's Party dronken ze blijkbaar miswijn want het nummer bevat enkele fikse scheuten gospel (gingen ze vóór het zingen de kerk uit?) en op deze muzikale gumbo er is zelfs plaats voor onversneden zydeco boogie met Clifton Chenier's voor 1957 erg modern klinkende instrumentale accordeon boogie The Big Wheel. De CD vormt een mooie evenwichtsoefening tussen creole rock 'n' roll en rockende rhythm 'n' blues.
Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)

Southern Bred 16 is number 4 about Louisiana and New Orleans, and by now you know what Koko-Mojo has in store for you: 28 mostly black tracks 1951-1963 recorded in or near New Orleans and/or by artists with links to La Louisiana. Louisiana and in particular the crescent city New Orleans had a very specific rock 'n' roll sound embodied by Fats Domino, rock 'n' roll characterised by lots of horns and a groovy piano, music which has its roots in the caraibbean music that's typical for the mardi gras, like here Roy ''Baldhead'' Byrd aka Professor Longhair's Rockin' With Fes, a title that says a lot about a song from 1952. Mighty fine examples of that New Orleans sound with loads of happy horns are Charles Williams' So Glad You're Mine, Clarence Samuels' Got No Place To Call My Own, Calvin Spears' uptempo (You're So Square) Baby I Don't Care/The Mostest Girl-styled Doing The Rock 'n' Roll, and party tune Little Liza Jane by Huey "Piano" Smith. Fats Domino also sang it and Huey Smith may have put his name on it as composer, but the song itself is over 100 years old and was for example done in the 1940s western swing style by Bob Wills. Good natured swinging black rock 'n' roll with saxophones are Elmore Nixon's Forgive Me Baby, Willie Egan's I Can't Understand It and Bobby Mitchell & the Toppers' 4 x 11= 44 warming up for highlights like Lloyd Price's rambunctious Rock 'n' Roll Dance, Rudy Green's equally exhuberant My Mumblin' Baby, Clarence Samuels' nutty black rocker Slippity and creole Lennie LaCour's rockabilly song Rockin' Rosalie. Rhythm 'n' blues swing well on its way to becoming that rock 'n' roll are Rudy Green's Meet Me Baby and Long John Hunter's She Used To Be My Woman, both from 1954. Familiar names pleading guilty are Clarence "Gatemouth" Brown and Earl King with the rhythm 'n' blues rockers Baby Take It Easy and Everybody's Carried Away, and Little Walter with the instrumental harmonica blues rocker Teenage Beat. There's more rhythm 'n' blues rock with Jessie Thomas' Cool Kind Lover and Classie Ballou & his Tempo Kings' D-I-R-T-Y D-E-A-L, the early sixties are represented by 1961's Richard Berry's In A Real Big Way, and Donnie Elbert's Believe It Or Not is a nice doo-wop rocker. At Champion Jack Dupree's Deacon's Party they apparently drank altar wine because the song contains a couple of swigs of gospel, and in this musical gumbo there is even room for undiluted zydeco boogie with Clifton Chenier's for 1957 very modern sounding instrumental accordion boogie The Big Wheel. The CD balances effortlessly between creole rock 'n' roll and rocking rhythm 'n' blues.
Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)


ROCK AND ROLL VIXENS # 6
Koko Mojo, KM-CD-121
English version: see below

Ann Cole steekt het vuur aan de lont met haar rockende originele versie van Got My Mojo Working opgenomen vóór Muddy Waters maar die mojo blijft niet de hele CD werken. Zeker, Pearl Reeves & the Conchords' You Can’t Stay Here (Step It Up And Go), Honey Brown's Ain’t No Need en Fay Simmons' Hanging Around rocken en swingen als de be(e)sten, maar er staan toch verschillende nummers tussen die wel OK maar mijns inziens iets te vrijblijvend en zeker niets bijzonders zijn, bijvoorbeeld Priscilla Bowman's Don’t Come In Here. Dan liever een brutaaltje als Rose Marie McCoy in wier ouderwetse stop/starter Dippin’ In My Business zelfs een accordeon zit! De verplichte "hits" zijn Etta James' bekende Tough Lover en The Bobbettes' jivende Mr. Lee antwoord I Shot Mr. Lee. Dorothy Berry & Jimmy Norman doen in I’m With You All The Way Brook Benton & Dinah Washington's You Got What It Takes achterna, vergelijk het maar met de echte You Got What It Takes, hier in de coverversie van Boo & his Girlfriend. Andere leuke deuntjes en duetjes zijn Roy Brown & Mamie Dell's Oh So Wonderful en Mel Walker & Ada Wilson's The Love Bug Boogie, maar Jennell Hawkins heeft als leadzangeres van backingkoortje The Lockettes slechts een bijrolletje in Richard Berry's The Mess Around. De CD biedt plaats aan traditionele blues (Annie Laurie's It’s Been A Long Time uit 1953) en boogie woogie piano swing (Lil Greenwood's Boogie All Night Long), er wordt sensueel geheupwiegd door Lynn Taylor with the Peachettes (Sweet Little Girl), Sally Stanley (I’ll Have To Let You Go) en Baby Washington (Congratulations Honey), en iets ruwer gaat het er aan toe bij Big Maybelle (That's a Pretty Good Love) en Dolores Ware (Can’t Eat Can’t Sleep). Op Annisteen Allen's strollende Let It Roll mag al een variété orgeltje meedoen, en zoals op al deze CDs staat er een handjevol early sixties zoals Dee Dee Sharp's Just To Hold My Hand uit 1963. Er staat ook één Sun opname op, Baby No No, de achterkant van Sun 184 uit 1953, de enige Sun single van Big Memphis Ma Rainey, artiestennaam van blueszangeres Lillie Mae Glover die dus niets te maken heeft met blueszangeres Ma Rainey. Het nummer is een vreemd amalgaam van electrische blues (Pat Hare op gitaar) gespeeld in een zelfs voor 1953 al ouderwetse semi-akoestische stijl. Ik ken de achtergrond van het nummer niet, maar componiste Marion Keisker was Sam Phillips' secretaresse die Elvis ontdekte! De CD covert de periode 1950-1963 maar bevat ook één hedendaagse track, de heupwiegende blues Hottest Wings In Town van Bonita & the Blues Shacks, op dit ogenblik zo ongeveer de hottest blues band in Duitsland. Deze Volume 6 is misschien niet de beste in de Vixens reeks, maar dat is uiteraard puur een kwestie van persoonlijke smaak, want voor de liefhebbers ter zake is de CD zeker interessant door de relatieve onbekendheid van het gebodene.
Info: www.koko-mojo.com (Frantic Franky)

Ann Cole sets things on fire with her rockin' original version of Got My Mojo Working recorded before Muddy Waters but that mojo doesn't last the entire CD. Pearl Reeves & the Conchords' You Can't Stay Here (Step It Up And Go), Honey Brown's Ain't No Need and Fay Simmons' Hanging Around for sure rock and swing like crazy, but there are several songs that are OK but in my opinion a bit too much middle of the road and certainly nothing special like for instance Priscilla Bowman's Don't Come In Here. I prefer a cheeky one like Rose Marie McCoy whose old-fashioned stop/starter Dippin' In My Business even features accordion! The obligatory "hits" are Etta James' well known Tough Lover and The Bobbettes' jiving Mr. Lee answer I Shot Mr. Lee. Dorothy Berry & Jimmy Norman copy Brook Benton & Dinah Washington's You Got What It Takes in I'm With You All The Way, just compare it to the real You Got What It Takes cover by Boo & his Girlfriend. Other fun duets include Roy Brown & Mamie Dell's Oh So Wonderful and Mel Walker & Ada Wilson's The Love Bug Boogie, but Jennell Hawkins only has a supporting role as leadsinger of backing vocalists The Lockettes in Richard Berry's The Mess Around. The CD contains traditional blues (Annie Laurie's It's Been A Long Time from 1953) and boogie woogie piano swing (Lil Greenwood's Boogie All Night Long), there's sensual hip swinging from Lynn Taylor with the Peachettes (Sweet Little Girl), Sally Stanley (I'll Have To Let You Go) and Baby Washington (Congratulations Honey), while Big Maybelle (That's a Pretty Good Love) and Dolores Ware (Can't Eat Can't Sleep) like things a tad rougher. Annisteen Allen's strolling Let It Roll contains a variety organ and as on all these CDs there's a handful of early sixties sides like Dee Dee Sharp's 1963 Just To Hold My Hand. There is also one Sun recording, Baby No No, the back of 1953's Sun 184, the only Sun single by Big Memphis Ma Rainey, stage name of blues singer Lillie Mae Glover who has nothing to do with blues singer Ma Rainey. The song is a strange amalgam of electric blues (Pat Hare on guitar) played in a semi-acoustic style that even in 1953 was already outdated. I don't know the background of the song but composer Marion Keisker was Sam Phillips' secretary who discovered Elvis! The CD covers the time slot 1950-1963 but there's one contemporary track on board, the hip swaying blues Hottest Wings In Town by Bonita & the Blues Shacks, just about the hottest blues band in Germany right now. IMHO this volume 6 may not be the best in the Vixens series, but that is of course purely a matter of personal taste, as for the aficionados the CD is certainly interesting due to the relative unfamiliarity of what is on offer.
Info: www.koko-mojo.com (Frantic Franky)


ROCK AND ROLL VIXENS # 7
Koko Mojo, KM-CD-122
English version: see below



Het gaat vooruit bij Koko-Mojo: Rock And Roll Vixens, de reeks gewijd aan zwarte zangeressen, zit al aan nummer 7. De CD schiet uit de startblokken met Marie Knight's geweldige uptempo stop/start jiver I Thought I Told You Not To Tell Them en er volgt nog veel meer dansbaar werk als The Teen Queens' Just Goofed, Mary Ann Fisher's Wild As You Can Be, Tiny Topsy's You Shocked Me, Vikki Nelson's aan Ruth Brown herinnerende I Was a Fool for Leaving en Etta James' That's All met trompetten. Ruth Durand's I'm Wise lijkt erg op Little Richard's Slippin' And Slidin' en dat is geen toeval want het is een cover van Eddie Bo's I'm Wise waarop Little Richard zich baseerde voor zijn klassieker. De net iets oudere rhythm 'n' blues swing waaruit die zwarte rock 'n' roll ontstond hoort u in Lil Greenwood 's Young Blood uit 1951 met trompetten. Ella Johnson's Well Do It is I Just Want To Make Love To You binnenstebuiten en ook Big Maybelle (Leave Poor Me) en Annie Laurie (Stop Don‘t Go) wringen zich in mysterieuze bochten. Miss La-Vell's Teen-Age Love is dangerous doo-wop, en omdat op elke Koko-Mojo àlle genres dienen vertegenwoordigd is Mary B's Something For You Baby meer bluesgericht. Ook erg bluesy is Tom Cat, niet door Big Maybelle zoals vermeld in de tracklisting achterop maar door Big Mama Thornton. Dat heb je met die big fat mamas! Lijkt me een antwoord op Rufus Thomas' Bear Cat, wat wel grappig is aangezien dat al een antwoord was op Thornton's originele versie van Hound Dog uit 1952. Nu ja, ík vind dat grappig. Nog een antwoord is Hey Memphis waarin Lavern Baker Elvis' Little Sister lik op stuk geeft, een bekende song maar nog lang niet zo bekend als Little Eva's The Loco-Motion dat we waarschijnlijk allemaal al hebben. Al deze muziekjes culmineerden in wat soul zou worden en voorbeelden van die vroege soul zijn Jessie Mae's Don‘t Freeze On Me, Don Gardner & Dee Dee Ford's smeekbede I Need Your Lovin' waar James Brown wel weg mee had geweten, en Bonnie „Bombshell“ Lee's in gospel ondergedompelde My Man's Coming Home. Of Martha & the Vandellas' Motown hit Heat Wave uit 1963 zal aanslaan in rock 'n' roll oren zal is nog maar de vraag, en ook Faye Adams' Step Up And Rescue Me ging in 1961 reeds die richting uit. Op de CD staat één hedendaagse song, de bluesrocker met boogie piano Momma‘s Goin‘ Dancin‘ van de populaire Duitse bluesband Bonita & the Blues Shacks uit 2019. De andere 24 tracks omvatten de periode 1951-1963, de muzikale kwaliteit van het aangebodene ligt erg hoog en Volume 7 maakt dat van die "movers and shakers" op het hoesje dan ook waar.
Info: www.koko-mojo.com (Frantic Franky)

The good folks at Koko-Mojo don't waste no time: Rock And Roll Vixens, the series dedicated to black female singers, is already at volume 7. The CD kicks off with Marie Knight's terrific uptempo stop/start jiver I Thought I Told You Not To Tell Them, followed by a lot of top tunes for the dancing crowd like The Teen Queens' Just Goofed, Mary Ann Fisher's Wild As You Can Be, Tiny Topsy's You Shocked Me, Vikki Nelson's Ruth Brown-styled I Was a Fool for Leaving and Etta James' That's All with trumpets. Ruth Durand's I'm Wise is very similar to Little Richard's Slippin' And Slidin' and that's no coincidence as it's a cover of Eddie Bo's I'm Wise which served as the blueprint for Little Richard's classic. The slightly older rhythm 'n' blues swing out of which black rock 'n' roll arose is represented by Lil Greenwood 's Young Blood from 1951 with trumpets. Ella Johnson's Well Do It is I Just Want To Make Love To You inside out and Big Maybelle (Leave Poor Me) and Annie Laurie (Stop Don't Go) also move in mysterious ways. Miss La-Vell's Teen-Age Love is dangerous doo-wop, and because every Koko-Mojo CD must include àll subgenres Mary B's Something For You Baby is more blues oriented. Also very bluesy is Tom Cat, not by Big Maybelle as stated in the track listing on the back but by Big Mama Thornton. That's what you get when messing with all those big fat mamas! Tom Cat sounds to me like an answer song to Rufus Thomas' Bear Cat, which is funny since that was already an answer song to Big Mama Thornton's original 1952 Hound Dog. Well, I think that's funny. Another answer song is Hey Memphis in which Lavern Baker salutes Elvis' Little Sister, a well known song but not as famous as Little Eva's The Loco-Motion which all of us probably already have. All of these genres culminated in what would become soul and examples of the early soul sound are Jessie Mae's Don't Freeze On Me, Don Gardner & Dee Dee Ford's plea I Need Your Lovin' that would have suited James Brown just fine, and Bonnie "Bombshell" Lee's gospel drenched My Man's Coming Home. Whether Martha & the Vandellas' 1963 Motown hit Heat Wave will please rock 'n' roll ears remains to be seen, and already in 1961 Faye Adams' Step Up And Rescue Me also stepped in that particular direction. The CD features one contemporary song, the 2019 blues rocker with boogie piano Momma's Goin' Dancin' by popular German blues band Bonita & the Blues Shacks. The other 24 tracks cover the period 1951-1963, the musical quality of what's on offer is very high, and the CD lives up to that "movers and shakers" tagline on the cover.
Info: www.koko-mojo.com (Frantic Franky)

7 juli 2021

DRUMS ARE MY BEAT/ SANDY NELSON
Jasmine, JASCD878
English version: see below



Sandy Nelson's Jasmine JASCD711 dubbel-CD Teen Beat 1959-1961 uit 2013 was opgehangen aan de hits Teen Beat en Let There Be Drums, en dan is de vraag altijd of daarmee het vet van de pan is. Nee dus, want er valt heel wat moois te (her)ontdekken op deze dubbel-CD met zijn bijna complete opnames uit 1962. Sandy Nelson, de beroemdste rock 'n' roll drummer in die zin dat hij de enige rock 'n 'roll drummer was die hits scoorde met singles die eigenlijk langgerekte drumsolo’s waren, was namelijk een bijzonder bezige bij, zoals eenieder weet die ooit heeft geprobeerd al zijn platen te kopen. Volgens mij brachten alleen The Ventures nog meer platen uit, en net als bij The Ventures zijn de meeste van die platen gevuld met covers van de rock- en pop hits van de dag. Alleen al in 1962 bracht Nelson zes LP’s uit, Drums Are My Beat, Drummin' Up A Storm, Golden Hits, Compelling Percussion, Country Style en Teen Age House Party (en daarvan verschenen er drie op één maand tijd) naast zes singles waarvan er vijf de Amerikaanse hitlijsten haalden. Dat alles samen op één dubbel-CD bleek fysiek onmogelijk, dus er ontbreken enkele LP tracks (alleen Teen Age House Party staat hier compleet op), en twee nummers van Compelling Percussion stonden sowieso al op Nelson's debuut LP Teen Beat. Méér Sandy Nelson anno 1962 ga je op een vergelijkbare oppervlakte evenwel niet bij mekaar krijgen, al zijn er in het verleden diverse pogingen ondernomen, bijvoorbeeld op de Golden Stars 3CD box Classic Album Collection (zes LP’s + bonus tracks) en op de Real Gone 4CD box Eight Classic Albums Plus Bonus Singles die de periode 1960-1962 omvat. Daarnaast verscheen reeds in de jaren '90 heel wat Sandy Nelson à rato van twee LP’s op één CD op See For Miles. Nelson kon als geen ander melodieën spelen op zijn drums en dat is de grote sterkte van deze CD, en ook het verschil met bijvoorbeeld een Buddy Rich waarvan ik wel eens een 6CD box heb beluisterd: kunst, maar helaas ook jazz en niet rockend. Toch zijn veel van Nelson's nummers hier impressionant drumwerk verpakt in leuke full band instrumentaaltjes. Hoogtepunten van Sandy Nelson op zijn best zijn Hum Drum, Drummin' Up A Storm, het majestueuze Drums Are My Beat met mysterieus oosters pianowerk en een tik tak gitaar, de tot drie minuten ingekorte single edit van het exotische The Birth Of The Beat (een opstand in de jungle op de LP Let There Be Drums uit 1961 goed voor négen minuten), de geslaagde shoarma versie van Caravan, de zware film noir stroll The City, het dreigend oosterse And Then There Were Drums in de stijl van Let There Be Drums met twangy gitaar rif, het soort gitaarrif dat in Drum Roll en Rompin' And Stompin' wordt aangevuld met blazers en een exotica fluitje en in Cozy Cole's Topsy met xylofoon. Leuke toeters staan hier uiteraard wel meer op, zoals in Hawaiian War Chant. De echte pure drum instrumentals zoals Drums For Strippers Only, Drums For Drummers Only en het zes minuten durende Day Drumming zijn dan ook in de minderheid want de meeste nummers zijn eigenlijk gewoon sax instrumentals met gitaar, piano en een extra drumbreak, bijvoorbeeld Drum Stomp dat klinkt als een sneller gespeeld Raunchy van Bill Justis of Big Al Sears' Castle Rock. Op zijn allerbest swingt dat als de beesten in bijvoorbeeld All Night Long of krijgt je zorgeloze Frolic Diner muziekjes als Sandy. De in die dagen razend populaire twist wordt daarbij verbazingwekkend weinig gebruikt: Twisted is het duidelijkste voorbeeld.
Sandy Nelson's LP’s hebben altijd veel standaard covers bevat die evenwel boven de middelmaat uit worden gehesen door dat excellente drumwerk, bijvoorbeeld zijn charleston versie van Fats Domino's I'm In Love Again of het minder bekende C-Jam Blues van Duke Ellington. Wanneer we de hier bij elkaar verzamelde LP’s apart beluisteren biedt Golden Hits exact wat de titel belooft, een collectie covers van andermans hits zoals Splish Splash, Kansas City, What'd I Say, drie keer Fats Domino met I Want To Walk You Home, Walking To New Orleans en I'm Gonna Be A Wheel Someday, Bill Doggett's Honky Tonk, Bobby Darin's ook van Buddy Holly bekende Early In The Morning, Ricky Nelson's Be Bop Baby en, minder bekend, Ray Charles' jazzy instrumental Rock House en Ernie Freeman's Live It Up als cha cha cha. Die covers klinken generisch, uitgezonderd uiteraard dat drumwerk dat echter steeds minder op de voorgrond treedt. Minder voor de hand liggend was de LP Country Style, hetzelfde coverprincipe toegepast op country hits. Wild Side Of Life, Claude King's Wolverton Mountain, Johnny Horton's Battle Of New Orleans en Honky Tonk Hardwood Floor, Hank Locklin's Geisha Girl, Stonewall Jackson's Waterloo, The Kingston Trio's Tijuana Jail en Bobby Helms' Fraulein klinken tamelijk pointless (teveel platte sax, te weinig twang), maar Chew Tobacco Rag, de indianen op het oorlogspad in Slim Whitman's North Wind en de uptempo uitvoering van Jim Reeves's Four Walls steken er met kop en schouders bovenuit. Teen Age House Party bood meer van de vooral sax instro’s, dit keer verpakt in een fake live party atmosfeertje met naast één eigen compositie, de titeltrack, toch ook weer vooral covers zoals Hearts Of Stone, Let The Four Winds Blow, Tweedlee Dee, Let The Good Times Roll, Feel So Good, Limbo Rock, de jazz/blues standaard Night Train, Doc Bagby's Dumplins en Ernie Freeman's Junior Jive. Wat een verschil met Compelling Percussion, een LP die slechts zeven tracks telde en voor één keer niet bestond uit covers maar enkel uit eigen nummers, sommige in samenwerking met surf gitarist en producer Richard Podolor alias Richie Allen, co-componist van Let There Be Drums. Civilization is bijna negen minuten exotica vermengd met surfgitaar, Drums For Drummers Only een drum instrumental van 12 minuten zonder sax of gitaar die geen seconde verveelt!
Als ik de optelsom van deze dubbel-CD maak staan hier wat mij betreft een stuk of zeventien fantastische nummers op en da's méér dan ik verwachtte. De rest van de in totaal 59 nummer beschouw ik als sympathiek doch niet-essentieel. De CD krijgt een extra vermelding van de jury voor de uitstekende geluidskwaliteit: dit klinkt alsof Sandy Nelson bij jou in de muziekkamer op de vellen zit te meppen. Nelson is nu 82 jaar. Haal 'em naar de Rhythm Riot!
Info: www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)

Sandy Nelson's 2013 Jasmine JASCD711 double CD Teen Beat 1959-1961 was centered around the hits Teen Beat and Let There Be Drums, and then the question is always whether there's anything worthwile left? As it turns out there is a lot to (re)discover on this double CD with his almost complete 1962 recordings. Sandy Nelson, the most famous rock 'n' roll drummer in the sense that he was the only rock 'n' roll drummer to score hits with singles that were actually expanded drum solos, was a very busy guy, as anyone who's ever tried to buy all his records can testify. I think only The Ventures released more albums and just like The Ventures most of those albums were filled with covers of the rock and pop hits of the day. In 1962 alone Nelson released six LP’s, Drums Are My Beat, Drummin' Up A Storm, Golden Hits, Compelling Percussion, Country Style and Teen Age House Party (and three of those appeared in a single month) in addition to six singles, five of which made the US charts. Getting all of this on one double CD proved physically impossible, so some LP tracks are missing (only Teen Age House Party is complete here) and two songs from Compelling Percussion were on Nelson's debut LP Teen Beat anyway. Still, you will never get more 1962 Sandy Nelson on a comparable surface than has been done here, even though several attempts have been made in the past, for example the Golden Stars 3CD box Classic Album Collection (six LP’s + bonus tracks) and the Real Gone 4CD box Eight Classic Albums Plus Bonus Singles which covers the years 1960-1962. In addition already in the 1990s a lot of Sandy Nelson appeared at the rate of two LP’s on one CD on See For Miles. Nelson could play melodies on his drums like nobody else, which is the great strength of this CD and the difference with for example a drummer like Buddy Rich of whom I have listened to a 6CD box: it's art, but unfortunately also jazz and not rocking. Many of Nelson's songs here are impressive drumming wrapped in fun full band instrumentals. Highlights include Hum Drum, Drummin' Up A Storm, the majestic Drums Are My Beat with mysterious oriental piano and a tic tac guitar, the single edit shortened to three minutes of the exotic The Birth Of The Beat (a jungle uprising which on the 1961 LP Let There Be Drums ran for nine minutes), the excellent pita version of Caravan, the heavy film noir stroll The City, the menacingly oriental And Then There Were Drums in the style of Let There Be Drums with a twangy guitar riff, the kind of riff that in Drum Roll and Rompin' And Stompin' is complemented by horns and an exotic whistle and in Cozy Cole's Topsy with xylophone. Obviously there are a lot of jolly horns to be found here, for example in Hawaiian War Chant. The real pure drum instrumentals such as Drums For Strippers Only, Drums For Drummers Only and the six minute Day Drumming are a minority because most of the songs are basicly sax instrumentals with guitar, piano and an extra drum break, like Drum Stomp which sounds like a faster played Raunchy by Bill Justis or Big Al Sears' Castle Rock. At its best this swings like crazy in, say, All Night Long, or turns into carefree Frolic Diner tunes like Sandy. The twist, incredibly popular in those times, turns up surprisingly little: Twisted is the most obvious example.
Sandy Nelson's LP’s always contained a lot of standard covers that are however lifted above the average by his exemplary drumming, for example in his charleston version of Fats Domino's I'm In Love Again or in the lesser known C-Jam Blues by Duke Ellington. Listening to the LP’s collected here separately, Golden Hits offers exactly what the title promises, a collection of covers of other people's hits such as Splish Splash, Kansas City, What'd I Say, three times Fats Domino with I Want To Walk You Home, Walking To New Orleans and I'm Gonna Be A Wheel Someday, Bill Doggett's Honky Tonk, Bobby Darin's Early In The Morning made famous by Buddy Holly, Ricky Nelson's Be Bop Baby and the lesser known Ray Charles jazzy instrumental Rock House and Ernie Freeman's Live It Up as cha cha cha. These covers sound generic, except for the drumming of course, which however becomes less and less prominent. Less obvious was the LP Country Style, the same cover principle applied to country hits. Wild Side Of Life, Claude King's Wolverton Mountain, Johnny Horton's Battle Of New Orleans and Honky Tonk Hardwood Floor, Hank Locklin's Geisha Girl, Stonewall Jackson's Waterloo, The Kingston Trio's Tijuana Jail and Bobby Helms' Fraulein sound rather pointless (too much flat sax, not enough twang), but Chew Tobacco Rag, the indians on the warpath in Slim Whitman's North Wind and the uptempo rendition of Jim Reeves's Four Walls stand out. Teen Age House Party offered more of those mostly sax based instrumentals, this time wrapped in a fake live party atmosphere, with in addition to one original composition, the title track, only covers like Hearts Of Stone, Let The Four Winds Blow, Tweedlee Dee, Let The Good Times Roll, Feel So Good, Limbo Rock, the jazz/blues standard Night Train, Doc Bagby's Dumplins and Ernie Freeman's Junior Jive. Quite a difference with Compelling Percussion, an LP that had only seven tracks and for once consisted not of covers but only of original compositions, some in collaboration with surf guitarist and producer Richard Podolor aka Richie Allen, co-composer of Let There Be Drums. Civilization is almost nine minutes of exotica mixed with surf guitar, Drums For Drummers Only a 12 minute drum instrumental without sax or guitar that doesn't get boring for a single second!
When I do the math there's like seventeen fantastic tunes on here, which is more than I expected. The rest of the 59 tracks I consider to be sympathetic but not essential. The CD gets extra points for the execellent sound quality: this sounds as if Sandy Nelson is banging on the skins in your music room. Nelson is now 82 years old. Get him over to the Rhythm Riot!
Info: www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)

SUMMER DAYS AND SUMMER NIGHTS
Bear Family, BCD17618
English version: see below

Op 21 juni begon de zomer en bij gebrek aan zomerweer kan u alvast in de stemming komen met deze zomerse compilatie met "31 summertime beach nuts", de vierde Bear Family zomer compilatie na Banana Split (BCD17513), Another Banana Split Please (BCD17601) en Good Old Summertime (BCD17528). De CD bevat 31 tracks 1952-1963 maar de focus ligt dit keer niet op rock 'n' roll maar op teen rock en crooners in een mix van bekende en onbekende artiesten met vooral onbekende songs. Crooners zijn de zorgeloos fluitende Tony Bennett's Put On A Happy Face (de tekst gaat wel degelijk over de zomer), Maxine Daniels' My Summer Heart, Dinah Washington's That Sunday (That Summer), Keely Smith's On The Sunny Side Of The Street en Eydie Gormé's Soda Pop Hop, teen rock is er met The Safaris' Summer Nights, Dave York & the Beachcombers' I Wanna Go Surfin' (hun Beach Party is leuker), The Quotations' ballade Summertime Goodbyes, Ricky Dean's duidelijk op Itsy Bitsy Teeny Weeny Yellow Polkadot Bikini gebaseerde Bikini, Ernie Maresca een beetje in Dion stemming in Down On The Beach (Maresca schreef dan ook The Wanderer en Runaround Sue), Diane Ray's Please Don't Talk To The Lifeguard, Johnny O'Neill's op Party Doll geënte Beach Doll en Carole King's Queen Of The Beach waarin het muurbloempje van vorig jaar zich ontpopt tot de koningin van het strand. Tussen die twee genres in zit pop als Googie René's Swingin' Summer Love, Kari Lynn's Summer Day en het melancholisch introspectieve The Green Leaves Of Summer van de in 1957 opgerichte folkgroep The Brothers Four die anno 2021 nog steeds bestaat met één origineel groepslid in de gelederen, en popcrooners als The Fleetwoods' dromerige tienerballade They Tell Me It's Summer waarin het alleen maar lijkt alsof het zomer is - de nachten zijn lang omdat het lief hen heeft verlaten. Dat die toch van rustige nummers bekende Fleetwoods het ook uptempo konden bewijst hun Surfer's Playmate. Rock 'n' roll is er met Sammy Salvo's geinige The Bully Of The Beach, Dickie Loader & the Blue Jeans' afgeborstelde Heatwave en Conway Twitty op zijn Carl Perkins funkiest in Beachcomber. Bucky & the Premieres' Summer School is bizarrobilly, en Blue Caps ritmegitarist Paul Peek's vokale Watermelon is een verrassend zwart klinkende stroll. Voor de country noten zorgen Don Cherry's Wild Cherry waarin een breed smilende Dean Martin verborgen zit, Hank Snow op zijn luiste donder in Lazy Bones inclusief parlando tussenstuk is meer croonerpop als country, en Bobby Williamson's Sh-Boom is een minder bekende maar toffe country swing light uitvoering van het bekende nummer, al ontgaat de link met de zomer mij. Het zal zoals altijd wel weer aan mij liggen! Op dit soort thema CD’s staan steevast enkele instrumentaaltjes en dit keer situeren die zich bruingebrand in de jazzy swing (Tito Puente's Emerald Beach) en de rhythm 'n' blues swing (TJ Fowler's Wine Cooler). George Gershwin's Summertime krijgt van The Viscounts een exotische trage blazers versie die géén wilde Rodney & the Blazers wordt en staat ook nog in een tweede versie op de CD als gitaar-/ pianojazz instrumental door Barney Kessel. Die vorige summer CD’s sloten alle drie af met een versie van de stokoude standaard (In The) Good Old Summertime, en zo ook deze met de vrolijke popversie van Lee Diamond & the Challengers uit 1962. Samen geeft dat zoals het hoort in de zomer een luchtige CD niet zozeer geschikt om een rock 'n' roll party op te vrolijken maar ideaal als achtergrondsfeertje wanneer u bij zonsondergang eindelijk op uw terras zit, als soundtrack in de auto of gewoon om de Summertime Blues (die hier niét op staat) te verjagen! Gezeten op een goede wei kan u ondertussen op uw gemak het CD booklet van samensteller Marc Mittelacher nalezen, goed voor 20 pagina’s kleurenillustraties en korte notities over elke artiest. Info: www.bear-family.com (Frantic Franky)

Summer began on June 21 and in the absence of good weather you can get in the mood with this sunny collection of "31 summertime beach nuts", the fourth Bear Family summer compilation after Banana Split (BCD17513), Another Banana Split Please (BCD17601) and Good Old Summertime (BCD17528). The CD contains 31 tracks 1952-1963 but this time the focus is not on rock 'n' roll but on teen rock and crooners in a mix of well known and unknown artists with mostly lesser known songs. Crooners include the happily whistling Tony Bennett's Put On A Happy Face (the lyrics are indeed about summer), Maxine Daniels' My Summer Heart, Dinah Washington's That Sunday (That Summer), Keely Smith's On The Sunny Side Of The Street and Eydie Gormé's Soda Pop Hop, teen rock is The Safaris' Summer Nights, Dave York & the Beachcombers' I Wanna Go Surfin' (not nearly as funny as their Beach Party), The Quotations' ballad Summertime Goodbyes, Ricky Dean's Itsy Bitsy Teeny Weeny Yellow Polkadot Bikini-inspired Bikini, Ernie Maresca in a bit of a Dion mood in Down On The Beach (Maresca wrote The Wanderer and Runaround Sue), Diane Ray's Please Don't Talk To The Lifeguard, Johnny O'Neill's Party Doll-inspired Beach Doll and Carole King's Queen Of The Beach in which last year's wallflower metamorphoses into the queen of the beach. In between those two genres there's pop like Googie René's Swingin' Summer Love, Kari Lynn's Summer Day and the melancholy introspective The Green Leaves Of Summer by folk group The Brothers Four who were founded in 1957 and still exist in 2021 with one original member in the ranks, and pop crooners like The Fleetwoods' dreamy teen ballad They Tell Me It's Summer in which it only seems like summer - the nights are long because their sweetheart has left them. Though known for their slow songs The Fleetwoods could also hold their own uptempo as proven by their Surfer's Playmate. There's rock 'n' roll with Sammy Salvo's funny The Bully Of The Beach, Dickie Loader & the Blue Jeans' clean cut Heatwave and Conway Twitty at his Carl Perkins funkiest in Beachcomber. Bucky & the Premieres' Summer School is bizarrobilly, and Blue Caps rhythm guitarist Paul Peek's vocal Watermelon is a surprisingly black sounding stroll. Country notes are provided by Don Cherry's Wild Cherry which hides a broadly smiling Dean Martin, Hank Snow at his laziest in Lazy Bones including a spoken part is more crooner pop than country, and Bobby Williamson's Sh-Boom is a lesser known but cool country swing light version of the familiar song, although the link with summer escapes me. As always that's probably my fault! This type of theme CDs invariably include a couple of instrumentals and this time they are situated in jazzy swing (Tito Puente's Emerald Beach) and rhythm 'n' blues swing (TJ Fowler's Wine Cooler). George Gershwin's Summertime is given an exotic slow sax version by The Viscounts who do not get wild like Rodney & the Blazers, and there's another version on the CD played as a guitar/piano jazz instrumental by Barney Kessel. The three previous summer CDs each ended with a different version of the old standard (In The) Good Old Summertime, and so does this one with the upbeat 1962 pop version by Lee Diamond & the Challengers. Together this makes a breezy CD not really suited to liven up a rock 'n' roll party but ideal as the backdrop when you finally sit down on your terrace at sunset, as a soundtrack in the car or just to chase away the Summertime Blues (which is not on here). Sit down, relax, sip a cool one and read the CD booklet by Marc Mittelacher, 20 pages of color illustrations and short notes on each artist. Info: www.bear-family.com (Frantic Franky)

BE FAITHFUL: THE TEN COMMANDMENTS OF ROCK 'N' ROLL COMMANDMENT SIX
Atomicat, ACCD055
English version: see below

Atomicat's tien rock 'n' roll geboden (eigenlijk waren het er vijftien maar toen Moses de berg afdaalde liet hij één stenen tafel stukvallen) beginnen aan de tweede tafel en in mijn tijd (ergens in de 19de eeuw) was het zesde gebod het opwindendste: doe nooit wat onkuisheid is, hier vertaald naar het veel onschuldiger onderwerp de liefde zoals bezongen in honderdduizenden songs en bij uitbreiding ook ten overvloede in de rock 'n' roll. The Ten Commandments Of Rock 'n' Roll is de ideale reeks voor iedereen die vindt dat er op de Atomicat en Koko-Mojo CD’s te veel hillbilly of zwarte muziek of wat dan ook staat, want The Ten Commandments Of Rock 'n' Roll focussen op... tromgeroffel... rock 'n' roll, zowel blanke als zwarte rock 'n' roll op deze CD met 30 tracks uit het tijdsgewricht 1956-1963. Blanke of op zijn minst blank klinkende rock 'n' roll op volume 6 is Johnny O' Keefe's You Excite Me, Sweetie Jones' Baby Please Don't Leave, Robert Gill & The Dreamers' Baby That's Alright, Chuck Atha's Just Me And My Baby, The Domineers' Nothing Can Go Wrong, Gene Ross' swingende The Only One, Barbara Pittman's Sun rocker I Need A Man, Mel Albert's door een dameskoortje en een orgeltje verfraaide uptempo teen rocker Never Let Me Go, en Dickey Lee's debuutsingle Stay True Baby in wat klinkt als een veredelde Sun hiccup sound, misschien wel omdat het ook in Memphis werd opgenomen en dat dus nooit ver van Sun kan zijn geweest. Voorbeelden van el primitivo rock 'n' roll zijn de opwindende scratchende gitaarinstro Heartbeat van The Daywins en The Monorays' It's Love Baby, een teen stroll gekoppeld aan een rauwe scheurende white rock sax. Ik ga het niet afpunten maar de verhouding blank versus zwart zal ongeveer fifty-fifty zijn op deze CD. Een nummer als Jesse Allen's stop-start rocker Love My Baby is puur zwart, net als uiteraard artiesten als Bobby Charles (Don't You Know I Love You), Earl Gaines (Love You So) en LaVern Baker met het Jim Dandy vervolg Jim Dandy Got Married. Er is popcorn noir met Little Joe Hinton's Let's Start A Romance en vooral met Johnny Love's onweerstaanbare Chills And Fever, en de doo-woppers worden op hun wenken bediend met rockers als The Minorbops' Want You For My Own, The Cupids' Little Girl of Mine, The Shells' Pretty Little Girl en The Butanes' Don't Forget I Love You. Elke Ten Commandments CD bevat wel een paar klassiekers en dit keer zijn dat Let's Jump The Broomstick van Brenda Lee en de opgewekte jiver This Little Girl Of Mine van The Everly Brothers, blijkbaar een grote inspiratiebron voor The Paris Brothers wier This Is It meer dan één gelijkenis vertoont met Everly nummers als This Little Girl Of Mine, Hey Doll Baby en Should We Tell Him. Bekende namen met minder bekende songs zijn Little Richard met True Fine Mama, toch - ten onrechte - een tikkeltje minder populair dan zijn grote hits, Terry Noland 's Come Marry Me en Thurston Harris' vrolijke My Love Will Last. Delbert Barker's afsluiter Our Honeymoon is in tegenstelling tot de rest van de CD dan weer country boogie, maar het meest curieuze nummer is de Franse vertaling van Chantilly Lace van The Big Bopper getiteld Ma P'tit' Chérie, variété door de Spaans-Franse operettezanger Luis Mariano. Een erg gevarieerde CD dus, maar wel een erg goeie CD. Hou je reeks compleet, dan heb je straks 300 goeie nummers. Info: www.atomi-c.at (Frantic Franky)

Atomicat's ten rock 'n' roll commandments (actally there were fiftien commandments but Moses dropped the third stone tablet when he came down from Mountain Sinai) arrive at the second tablet and in my time (somewhere in the 19th century) the sixth commandment was the most exciting one: thou shalt not commit adultery, translated here into the much more innocent subject matter of love, as sung about in hundreds of thousands of songs and by extension also in abundance in rock 'n' roll. The Ten Commandments Of Rock 'n' Roll is the ideal series for anyone feeling there is too much hillbilly or black music or whatever on the Atomicat and Koko-Mojo CDs, because The Ten Commandments Of Rock 'n' Roll focus on.... drum roll... rock 'n' roll, both white and black rock 'n' roll on this CD with 30 tracks from the 1956-1963 time frame. White or at least white sounding rock 'n' roll tunes on volume 6 are Johnny O' Keefe's You Excite Me, Sweetie Jones' Baby Please Don't Leave, Robert Gill & The Dreamers' Baby That's Alright, Chuck Atha's Just Me And My Baby, The Domineers' Nothing Can Go Wrong, Gene Ross' swinging The Only One, Barbara Pittman's Sun rocker I Need A Man, Mel Albert's uptempo teen rocker Never Let Me Go embellished by a female chorus and an organ, and Dickey Lee's debut 45 Stay True Baby in what sounds like a kind of hiccupping Sun sound, perhaps because it was also recorded in Memphis and therefor could never have been far away from Sun. Examples of el primitivo rock 'n' roll include The Daywins' thrilling scratchy guitar instro Heartbeat and The Monorays' It's Love Baby, a teen stroll with a raw ripping white rock sax. I'm not going to count 'em but the ratio of white to black will be about fifty-fifty on this CD I guess. A song like Jesse Allen's stop-start rocker Love My Baby is 100 % black, as are of course artists like Bobby Charles (Don't You Know I Love You), Earl Gaines (Love You So) and LaVern Baker with the Jim Dandy sequel Jim Dandy Got Married. There's popcorn noir with Little Joe Hinton's Let's Start A Romance and especially with Johnny Love's irresistible Chills And Fever, and doo-woppers can get their cool cat kicks with rockers like The Minorbops' Want You For My Own, The Cupids' Little Girl of Mine, The Shells' Pretty Little Girl and The Butanes' Don't Forget I Love You. Every Ten Commandments CD contains a few classics and this time they are Brenda Lee's Let's Jump The Broomstick and the upbeat jiver This Little Girl Of Mine by The Everly Brothers, apparently a big inspiration for The Paris Brothers whose This Is It bears more than one resemblance to Everly songs like This Little Girl Of Mine, Hey Doll Baby and Should We Tell Him. Familiar names with unfamiliar songs include Little Richard with True Fine Mama, unjustly a tad less popular than his big hits, Terry Noland 's Come Marry Me and Thurston Harris' upbeat My Love Will Last. Delbert Barker's closes the CD in a completely contrasting style with the country boogie Our Honeymoon, and the most unlikely song is the French translation of The Big Bopper's Chantilly Lace titled Ma P'tit' Chérie turned into a old fashioned pop song by Spanish-French operetta singer Luis Mariano. This CD is very varied, but very good. Keep your series complete and in the end you will have 300 great songs. Info: www.atomi-c.at (Frantic Franky)

ROCKIN' WITH THE KRAUTS VOL. 2
Bear Family, BCD17642
English version: see below

Tweede en laatste CD door Bear Family omschreven als "real rock 'n' roll made in Germany, Duitse rock 'n' roll in zijn puurste vorm inbegrepen twist rockers, madison rockers, jivers, beat rockers en instrumentals, op dit tweede deel met meer honkende saxofoons en minder Hofner twang". Daarmee past ie in uw CD kast perfect naast de Bear Family CD Oh Yes Das Ist Musik - Jive In Germany (BCD16303) uit 2009, want tussen de 32 tracks 1956-1967 staat heel wat swingende, soms zelfs jazzy jive als (het fake live?) Whole Lotta Shakin' Goin' On van de Zweed Little Gerhard, Maureen René's Rock Baby Rock, Lutz Dietmar's Rock-A-Beatin' Boogie met Max Greger op sax, Paul Würges' uitstekende Black Boy Jacky, Marika Rökk's Eine Party Bei Mir en Wolfgang Sauer's For You My Love trager dan Paul Gayten's ritmische origineel, naast als pré-rock 'n' roll klinkende boogie zoals Caldonia en Big Fat Mama, twee live tracks van de op 2 juli 2021 op 90-jarige leeftijd overleden geïmporteerde Amerikaanse GI Bill Ramsey, opgenomen "met ritmische begeleiding van Eric Krans' Dixieland Pipers" in het Kurhaus in Scheveningen! Pure rock 'n' roll in de zin van door de goegemeente verketterde jungle muziek is in deze dan ook een rekbaar begrip want naast een paar echte rockers als Ted Herold's Crazy Boy en de erg goeie Duitstalige Sugaree cover van Jörg Maria Berg bewandelen veel nummers het slappe koord tussen poprock en variété - anders kan ik de Duitse Hound Dog (Ralf Bendix' Heute Geh' Ich Nicht Nach Hause), Rex Gildo's Duitse Devil In Disguise (Liebe Kälter Als Eis), de Duitse Is You Is Or Is You Ain't My Baby (Frank Olsen's Bist Du Noch Mein Baby), de Duitse Hey Little Girl (Ted Herold), Billy Sanders' Du Hast Soviel Sex-Appeal, Harry Glück's vertaling van Cliff Richard's Got A Funny Feeling (So Ein Komisches Gefühl), John Dattelbaum's Duitse Runaway (Mädchenschrek), Oliver Twist & the Happytwistler's Steiler Zahn, Bob Gerry's Hallo My Baby, Emanuel & Leon Ardy's Hit-Cockers' strollende Kissin' King en Little Gerhard's Versprich Mir Nichts dat een ballade gebaseerd op Paul Anka's You Are My Destiny afwisselt met uptempo rock 'n' roll niet omschrijven. Op zich is daar natuurlijk niks mis mee, zolang je maar weet wat je in huis haalt, en wat je ook in huis haalt is twist met een orgeltje (The Gisha Brothers' Sie Ist Das Schönste Girl) en beatrock (The Cry'n Strings met de Jesse Hill Ooh Poo Pa Doo cover Bu Bu Bi Du, Ted Hiller's Duitstalige Memphis Tennessee, Mama Betty's Band's Duitse beatversie van Love Potion No. 9 getiteld Die Liebesmedizin, The Rattles' geniale Chuck Berry cover Betty Jean) die eindigt de pure sixties van The Pralins' Jumpin' Run. De CD bevat 22 Duitstalige nummers, acht Engelstalige nummers en twee instrumentals, en er staan twee Nederlandse acts op. Indo-rockers The Javalins van wie in 1994 een complete CD verscheen op Bear Family zijn vertegenwoordigd met Mr. Tschang Aus Chinatown, een Duitse vertaling van Ling Ting Tong van The Five Keys waarin ze het over nasi goreng hebben en die trager is dan de Engelstalige Ling Ting Tong die ze opnamen. Veel minder bekend bij ons maar in de eerste helft van de jaren '60 populair in Duitsland was Jack Finey die in 1960 zelfs in een Duitse film zat, Meine Nichte Tut Das Nicht, en uit die komedie stamt zijn Schade Um Die Rosen, wat mij betreft pure variété die niets met rock 'n' roll vandoen heeft. Bear Family had hier even goed voor zijn bijna parodiërende hoempapa vertaling Die Geschichte Von Stagger Lee of zijn Louis Prima Closer To The Bone cover Sie Hieß Betty Bones kunnen opteren. Ook Billy Mo's Fräulein Gerda is trouwens op het randje van variété. Wij merkten één foutje: de instrumental van Werner Müller (die kennis maakte met swingmuziek als Amerikaans krijgsgevangene!) is niet Woo Hoo van The Rock-A-Teens maar volgens ons zijn Guitar Boogie Shuffle. 't is een merkwaardig geheel, maar één ding is zeker: deze collectie niet-alledaagse tracks heeft de gemiddelde verzamelaar niet in huis. Daarvoor moet je al heel wat Duitse CD’s gekocht hebben, wat kan omdat de meeste artiesten hier full CD’s uit hebben op Bear Family. Achtung: het CD booklet van 34 pagina’s is in de taal van Goethe. Let's Rökk!
Info: www.bear-family.com (Frantic Franky)

Second CD in the two part mini series described by Bear Family as "real rock 'n' roll made in Germany, German rock 'n' roll in its purest form including twist rockers, madison rockers, jivers, beat rockers and instrumentals, on this second volume with more honking saxophones and less Hofner twang". It fits perfectly next to the 2009 Bear Family CD Oh Yes Das Ist Musik - Jive In Germany BCD16303 as among the 32 tracks 1956-1967 we hear a lot of swinging, sometimes even jazzy jive like (the fake live? ) Whole Lotta Shakin' Goin' On by Little Gerhard from Sweden, Maureen René's Rock Baby Rock, Lutz Dietmar's Rock-A-Beatin' Boogie with Max Greger on sax, Paul Würges' excellent Black Boy Jacky, Marika Rökk's Eine Party Bei Mir and Wolfgang Sauer's For You My Love performed slower than Paul Gayten's rhythmic original, plus pré-rock 'n' roll sounding boogie like Caldonia and Big Fat Mama, two tracks by imported American GI Bill Ramsey who passed away at the age of 90 on July 2, 2021, recorded "with rhythmic accompaniment by Eric Krans' Dixieland Pipers" live on stage in Holland. Pure rock 'n' roll in the sense of jungle music condemned by the general public is therefor in this case a rather loose description because besides a couple of real rippin' rockers like Ted Herold's Crazy Boy and the excellent German language Sugaree cover by Jörg Maria Berg many songs walk the thin line between pop rock and variety - that's the only way I can describe the German language Hound Dog (Ralf Bendix' Heute Geh' Ich Nicht Nach Hause), Rex Gildo's German language Devil In Disguise (Liebe Kälter Als Eis), the German language Is You Or Is You Ain't My Baby (Frank Olsen's Bist Du Noch Mein Baby), the German language Hey Little Girl (Ted Herold), Billy Sanders' Du Hast Soviel Sex-Appeal, Harry Glück's translation of Cliff Richard's Got A Funny Feeling (So Ein Komisches Gefühl), John Dattelbaum's German language Runaway (Mädchenschrek), Oliver Twist & the Happytwistler's Steiler Zahn, Bob Gerry's Hello My Baby, Emanuel & Leon Ardy's Hit-Cockers' strolling Kissin' King, and Little Gerhard's Versprich Mir Nichts which alternates a ballad based on Paul Anka's You Are My Destiny with uptempo rock 'n' roll. Jack Finey's Schade Um Die Rosen is as far as I'm concerned pure variety which has nothing to do with rock 'n' roll, and Billy Mo's Fräulein Gerda is also on the edge. Nothing wrong with that in itself of course as long as you know what you're buying, and what you're also buying is twist with an organ (The Gisha Brothers' Sie Ist Das Schönste Girl) and beatrock (The Cry'n Strings with the Jesse Hill Ooh Poo Pa Doo cover Bu Bu Bi Du, Ted Hiller's German language Memphis Tennessee, Mama Betty's Band's German language beat version of Love Potion No. 9 titled Die Liebesmedizin, The Rattles' stroke of genius in the form of their Chuck Berry cover Betty Jean) which ends with the pure sixties sounds of The Pralins' Jumpin' Run. The CD contains 22 German language songs, eight English language songs and two instrumentals. We noticed one mistake: the instrumental track by Werner Müller (who was introduced to swing music when he was an American POW!) is not The Rock-A-Teens' Woo Hoo but - we think - his Guitar Boogie Shuffle. This CD is a strange lot but one thing is for sure: it's a collection of unusual tracks that the average collector doesn't have, unless you already bought a lot of German CDs, which is possible because most of the artists here have full CDs out on Bear Family. Achtung: the 34 page CD booklet is in Goethe's language. Let's Rökk!
Info: www.bear-family.com (Frantic Franky)




Lees hier de oudere recensies

Terug naar de voorpagina