(reclame)


Je recente release (muziek, boek of wat dan ook) gerecenseerd op onze website? Stuur deze dan naar de hoofdredactie!
Your recent release (music, book or whatever) reviewed on our website? Send it to our editor-in-chief!

 

CD Recensies

19 januari 2022

THUNDERBIRD/ THE BLACK RAVENS
The Black Ravens, TBR02
English version: see below

Tweede CD van het in 2016 in Groningen opgerichte rockabilly trio dat bijna dezelfde naam heeft als het Duitse teddyboy trio Black Raven maar heel andere muziek speelt. The Black Ravens noemden zich trouwens naar barbershop De Zwarte Raaf in Groningen waar hun eerste optreden plaats vond. Over hun debuut Burnin' Rubber uit 2017 schreven wij destijds “drie jonge kerels met visie en een eigen aanpak, en we zullen wel zien waar ze uitkomen met hun eigengereide songs die door de basic aanpak soms wat weghebben van het rammelende van skiffle en op hun meest melodieuze lonken naar de onschuld van Buddy Holly. Het is meer dan interessant om te horen wat deze jonge honden doen met rockabilly en vooral hoé ze dat doen". Die Burnin' Rubber werd opgenomen in de home studio van Tumblin’ Go Go’s gitarist Arjan Grooten en de muziek kwam dan ook tot ons doorheen een dikke stofwolk steenkoolgruis, deels een gevolg van de gebruikte opnametechnieken met distortie op de gitaar en vreemde effectjes op de zang. Op deze veel cleaner opgenomen opvolger vertaalt de Black Ravens aanpak zich in 17 eigen songs gekenmerkt door jeugdig enthousiasme waar het energieke speelplezier vanaf spat, gekoppeld aan een frisse kijk op hoe rock 'n' roll behoort te klinken, en dat is voor The Black Ravens luidens deze CD opgewekte vrolijke open akkoorden rockabilly zonder franjes die meer de mosterd haalt bij de melodieuze vibe van een Ricky Nelson dan bij het agressieve van een Brian Setzer, getuige Honeycomb, Killin' Time, When You Smile, Summertime, Without A Doubt, de rockaballad Blue Ribbon en het galloperende Halfway To Nowhere. Nummers als de titeltrack Thunderbird of de rechtdoor rockers Mama en Dance With The Devil, twee songs die wellicht meer aansluiten bij hoe ze live op festivalvolume klinken, tonen dat het op eenvoudig verzoek ook best een pak pittiger en ruiger kan en mag. Daarenboven zijn ze niet te beroerd ons een glimp te gunnen op de invloeden die ze gebruiken uit de muziek waaruit ze vandaan komen: rock en Paladins blues (Got No Lovin'), pop (Wayfaring Stranger) en zelfs bluegrass in het met banjo bevruchte Goodbye My Love So Long. Het paswoord in dit alles: melodie. Hou ze in de gaten, want die Black Ravens komen er wel. Correctie: ze zijn er al! Info: www.theblackravensofficial.com (Frantic Franky)

Second CD by the rockabilly trio founded in Groningen, Netherlands in 2016 with almost the same name as German teddyboy trio Black Raven but playing a very different type of music (The Black Ravens named themselves after a local barbershop where they played their first gig). In 2017 we wrote the following about their debut album Burnin' Rubber: "three young cats with vision and their own approach, and we'll see where they will end up with their own idiosyncatric songs that because of their basic approach sometimes resemble the rattling of skiffle and at their most melodic evoke the innocence of Buddy Holly. It is more than interesting to hear what these youngsters do with rockabilly and especially how they do it". That debut was recorded in the home studio of Tumblin' Go Go's guitarist Arjan Grooten and the music came to us through a thick cloud of coal dust, partly the result of the recording techniques using distortion on the guitar and strange effects on the vocals. On this much cleaner recorded successor the Black Ravens approach translates into 17 selfpenned songs characterised by youthful enthusiasm showcasing the energetic fun of their playing, combined with a fresh look on how rock 'n' roll should sound, which according to this CD for The Black Ravens means cheerful open chord rockabilly without frills more influenced by the melodic vibe of Ricky Nelson than by the aggressivity of Brian Setzer, as evidenced by tracks like Honeycomb, Killin' Time, When You Smile, Summertime, Without A Doubt, the rockaballad Blue Ribbon and the galloping Halfway To Nowhere. Songs like the title track Thunderbird or the straight ahead rockers Mama and Dance With The Devil, two songs that may be more in line with how they sound live at festival volume, prove that on simple request it can and is allowed to be a lot rougher and more powerful. Add to this that they are not afraid to give us a glimpse of the influences they use from the music where they come from: rock and Paladins blues (Got No Lovin'), pop (Wayfaring Stranger) and even bluegrass in the banjo pickin' Goodbye My Love So Long. The password in all of this: melody. Keep an eye on 'em as The Black Ravens are going places. Correction: they've already arrived! Info: www.theblackravensofficial.com (Frantic Franky)


THE OLD TESTAMENT OF LOVE/ STEVE HOOKER
Pimphouse Records, Pimphouse Single 2
English version: see below
De Britse zanger-gitarist Steve Hooker blijft gas geven, ook al nadert ie het punt waarop de meeste van zijn leeftijdsgenoten zich voornamelijk bezighouden met te gaan vissen dan wel met op de kleinkinderen te passen. Niets van dit alles voor Hooker die sinds de tweede helft van de jaren '70 heel wat muzikale watertjes heeft doorzwommen, van garagerock tot over blues en soul tot rockabilly en aanverwanten, dat laatste onder meer samen met Boz Boorer, Levi Dexter en Captain Drugbuster. In de tijd van de gedrukte Boppin' Around was ie met het nummer Jeannie With The Dark Blue Eyes zelfs ooit nog eens de crackshot van de Boppin' Around Top 10 van onze hoofdredactie. Kortom, we moesten u allemaal de hartelijke groeten doen met The Old Testament Of Love, Hooker's nieuwe vinyl single met twee eigen nummers waarop hij begeleid wordt door basgitaar en drums, afkomstig van zijn gelijknamige 7 track Pimphouse CD4 uit 2019. Het zijn niet de rockendste tracks van die CD, want dan had ie moeten gaan voor Necktie Party dat refereert naar Link Wray en voor de Chuck Berry rocker Don't Let The Deal Go Down, en als hij een blues single had willen uitbrengen had ie moeten kiezen voor de swampblues van The First One's Always Free en Crows Legs. Nee, beide kantjes hebben een overduidelijke en voor de liefhebbers ter zake ongetwijfeld overheerlijke Rolling Stones groove, en dan bedoelen we de Rolling Stones groove anno Start Me Up, niet die van Satisfaction. Het vocale The Old Testament Of Love, opgesmukt met piano en "hoo hoo's" uit sympathie voor de duivel, kruist The Rolling Stones met glamrock, en ik zie vooruitstrevende DJ's dit draaien tussen de strolls. B-kant Tighten It, ook op stroll tempo, is een repetitieve greasy gitaarinstrumental opgetrokken uit Rolling Stones riffs op het grensgebied tussen Britse rhythm 'n' blues, bluesrock en garagerock. Beide nummers zijn rauw maar tegelijkertijd radiovriendelijk en nestelen zich heupwiegend, schouderschuddend en hoofdknikkend in je hersenpan als waarachtige oorwurmen. Dat Hooker maar oppast of ze draaien hem straks op zijn oude dag nog op de radio! Geen picture sleeve maar een generische dikke zwarte kartonnen hoes, en de single heeft een small center hole.
Info: www.stevehooker.co.uk (Frantic Franky)

British singer-guitarist Steve Hooker keeps on going, even though he is approaching the age where most people spend their days fishing or babysitting the grandchildren. Nothing of the sort for Hooker who since the second half of the 1970s covered a lot of musical ground, from garage rock over blues and soul to all sorts of rockabilly, the latter together with among others Boz Boorer, Levi Dexter and Captain Drugbuster. In the days of the printed Boppin' Around he even made the crackshot of our Boppin' Around Top 10 with the song Jeannie With The Dark Blue Eyes. In short, Hooker says hi to y'all with The Old Testament Of Love, his new vinyl single featuring two selfpenned tracks accompanied by bass guitar and drums, taken from his 2019 7 track Pimphouse CD4 of the same name. They're not the rockinest tracks of that CD, cos in that case he should have gone for Necktie Party which references Link Wray and for the Chuck Berry rocker Don't Let The Deal Go Down, and if he'd wanted to release a blues single he should have opted for the swamp blues tunes The First One's Always Free and Crows Legs. No, both sides here have an obvious and for those who are into that undoubtedly delicious Rolling Stones groove, meaning the Rolling Stones groove of Start Me Up, not of Satisfaction. Vocal track The Old Testament Of Love, embellished with piano and "hoo hoo's" out of sympathy for the devil, mixes The Rolling Stones with glam rock and I can see DJs who think out of the box playing this with the strolls. B-side Tighten It, also at stroll speed, is a repetitive greasy guitar instrumental built upon Rolling Stones riffs on the crossroads between British rhythm 'n' blues, blues rock and garage rock. Both songs are raw but at the same time radio-friendly and nestle themselves hip swaying, shoulder shaking and head podding in your brain like true earworms. Hooker better watch out cos before he'l know they'll start playing him on the radio! No picture sleeve but a generic thick black cardboard sleeve, and the single has a small center hole. Info: www.stevehooker.co.uk (Frantic Franky)


KEEPIN' THE REINS SLACK/ ROCKIN' BONNIE WESTERN BOUND COMBO
Bullseye, BE 149
English version: see below

My Bonnie comes over the ocean, maar Rockin' Bonnie komt uit Italië, heet Sabrina Cocciolo en maakte eerder al mooie dingen als Rockin' Bonnie & the Rot Gut Shots en Rockin' Bonnie & the Mighty Ropers alsmede samen met The Starliters en met Shaun Young van High Noon. Hillbilly boogie made in la bella Italia dus maar dat is er niet aan te horen want na de vier track vinyl EP Loud And Proud uit 2017 is haar tweede release als Rockin' Bonnie Western Bound Combo een full album boordevol vlotte uptempo country boogie (A Full Time Job, Hell Ride Boogie) met rock 'n' roll gitaar en gestroomlijnde steel gitaar, medium tempo shuffle tracks met fiddle (I Gotta Know, I'll Get Along Somehow), en er doet ook een metalige banjo en op drie nummers een piano (Massimo "Jerry" Gerosa) mee. Een paar van de 12 nummers zijn gezongen door leadgitarist Massimo Zampini alias Howlin' Lou alias Max Ammons, bijvoorbeeld de bijna vooroorlogse charleston Get With It en de veel modernere twangy country rocker Loss. Enkele uptempo duetjes als I'm Getting Wrong, het medium tempo Somebody's Gonna Take Your Place en het vrolijke Maddox Brothers & Rose-achtige snelweg werk Sure Fire Kisses ontbreken evenmin. Daarmee hebt u een jaren '50 referentie, wie een modernere vergelijking wil maken zou kunnen zeggen Lynette Morgan & the Blackwater Valley Boys maar dan nog authentieker. Naast vijf eigen songs van de hand van Massimo Zampini en van contrabassist Roberto Marmieri alias Bobby Vain horen we covers van onder meer Eddy Arnold (A Full Time Job), Ernest Tubb (I'll Get Along Somehow), Justin Tubb & Goldie Hill (Sure Fire Kisses), Merle Travis (Let's Settle Down), Tommy Duncan bij Bob Wills (Get With It) en de jaren '20 jazz standard South, onder meer gezongen door Rusty Draper. De arrangementen zitten verbazingwekkend perfect in elkaar, de muzikale kwaliteit is exemplarisch, het samenspel is hecht en Rockin' Bonnie klinkt exact zoals de oncontroleerbare jaren '50 hillbilly zangeressen, een ongeleid projectiel met dat altijd aanwezige elementje van ongeschooldheid alsof ze recht van de boerderij komen, de missing link tussen western swing en honky tonk zoals die klonk op oude Gusto, Starday en King LP’s. En zoals het hoort met dit soort muziek is dit album (voorlopig?) enkel te koop als vinyl LP, wat voor nog meer authenticiteit zorgt. Verplichte kost voor de fans van de country roots van de rock 'n' roll! Bullseye is de vinyl afdeling van het Spaanse rock 'n' roll label El Toro.
Info: www.eltororecords.com en www.facebook.com/RBWBC (Frantic Franky)

My Bonnie lies over the ocean, but Rockin' Bonnie hails from Italy, her real name is Sabrina Cocciolo and she's made some great recordings as Rockin' Bonnie & the Rot Gut Shots and Rockin' Bonnie & the Mighty Ropers as well as with The Starliters and with Shaun Young of High Noon fame. It's hillbilly boogie made in la bella Italia but you can't tell because after the 4 track vinyl EP Loud And Proud from 2017, her second release as Rockin' Bonnie Western Bound Combo is a full album brimming with smooth uptempo country boogie (A Full Time Job, Hell Ride Boogie) featuring rock 'n' roll guitar and streamlined steel guitar, medium tempo shuffles with fiddle (I Gotta Know, I'll Get Along Somehow), and there's also a metallic banjo on board and on three tracks piano, played by Massimo "Jerry" Gerosa. A couple of the 12 songs are sung by lead guitarist Massimo Zampini aka Howlin' Lou aka Max Ammons, for example the almost pré-war charleston Get With It and the much more modern twangy country rocker Loss. Some uptempo duets like I'm Getting Wrong, the medium tempo Somebody's Gonna Take Your Place and the cheerful Maddox Brothers & Rose-styled Sure Fire Kisses on the fast lane are not absent either. This gives you a 1950s reference, and if you want a modern comparison I would say Lynette Morgan & the Blackwater Valley Boys but even more authentic. Besides five original songs by Massimo Zampini and double bassist Roberto Marmieri aka Bobby Vain we hear covers of songs by Eddy Arnold (A Full Time Job), Ernest Tubb (I'll Get Along Somehow), Justin Tubb & Goldie Hill (Sure Fire Kisses), Merle Travis (Let's Settle Down), Tommy Duncan with Bob Wills (Get With It) and the 1920s jazz standard South sung by among others Rusty Draper. The arrangements are amazingly perfect, the musical quality is exemplary, the interplay is tight and Rockin' Bonnie sounds exactly like the uncontrollable female hillbilly singers from the 1950s, an unguided missile with an ever present element of uneducatedness as if they came straight from the farm, the missing link between western swing and honky tonk just like it used to sound on those old Gusto, Starday and King LP’s. And as it should be with this kind of music, this album is (for now?) only available as a vinyl LP, which gives it even more authenticity. A must for fans of the country roots of rock 'n' roll! Bullseye is the vinyl department of the Spanish rock 'n' roll label El Toro. Info: www.eltororecords.com en www.facebook.com/RBWBC (Frantic Franky)

12 januari 2022

SOUTHERN BRED, TENNESSEE AND ARKANSAS R & B ROCKERS
Koko Mojo, KMCD90
English version: see below

Ze hebben nog steeds geen nummering wat het verzamelen des te leuker maakt, maar dit is de 24ste Southern Bred CD (samplers niet meegeteld) waarvan de vierde gewijd aan zwarte rock 'n' roll en rockende rhythm 'n' blues (Bobby “Blue” Bland met Loan A Helping Hand) opgenomen door artiesten afkomstig uit de naburige staten Tennessee en Arkansas, met onder meer werk van artiesten die al op de eerdere Tennessee & Arkansas CD’s stonden. De onofficiële titel is Dippin' Is My Business naar de gelijknamige stop-start rocker van Rose Marie McCoy die uit Arkansas kwam maar wel een accordeon in de rangen heeft, een instrument dat je eerder in de zydeco en de cajun verwacht. Daar heeft Dippin' Is My Business niets mee te maken want ik zou de sfeer van het nummer met Mickey Baker op gitaar en Sam "The Man" Taylor op tenorsax eerder een beetje New Orleans-achtig noemen. De 28 track CD opent gelijk met een verrassing van formaat: Dee Clark die ik vooral associeer met het rustige Hey Little Girl doet het hier in Little Richard schreeuwlelijkerd stijl in 24 Boyfriends. Zijn Because I Love You So dat er ook op staat is daarentegen meer die onderkoelde stijl. De 28 tracks lopen van 1939 tot 1962 maar laat u daar niet door afschrikken: op het semi-akoestische Diggin' My Potatoes van Washboard Sam wordt sinds 1939 gebluesbopt, en een instrumental als Boogie Woogie Upstairs van Al "Cake" Wichard uit 1949 is in principe piano boogie met (de uit Texas afkomstige) Pee Wee Crayton's gemene rhythm 'n' blues gitaar erbovenop. Piano boogie woogie vormt ook de basis van Memphis Slim's uptempo rockende rhythm 'n' blueser No Mail Blues. Sam "The Man" Taylor heeft een hele big band mee op zijn sax instrumental Taylor Made, en samensteller Mark Armstrong maakt gretig gebruik van de onuitputtelijke bron van de rhythm 'n' blues swing met Crown Prince Waterford's Leaping Boogie uit 1948, Erline Harris' Never Missed My Baby uit 1949, Joan Shaw's He Knows How To Hucklebuck uit 1949, Connie Allen's What's Happening uit 1950 en Tiny Davis' How About That Jive uit 1951. Pure rock 'n' roll daarentegen is Larry Birdsong's Do You Love Me, het mambo-ënd doo-woppende Don't Say Tomorrow van The Hollyhocks (origineel van The Prisonaires op Sun Records), en All Shook Out van ene Moohah, de enige single van een radio DJ wiens echte naam AC Williams was. Het Rocket 88-achtige Hydramatic Woman van Joe Hill Louis is de meer bluesgetinte Big Town versie uit 1954, niet de rockender Sun versie van een jaar eerder, Louis Jordan deed het in 1954 bijzonder gestroomlijnd in Ooo Wee en Cecil Gant klinkt in Hit That Jive Jack zoals Louis Jordan in zijn gloriedagen in een nummer dat volgens mij uit 1946 stamt in plaats van uit 1958 zoals aangegeven op de achterkant van de CD. Let The Church Roll On van Lucille Barbee is uptempo gospel, meer bluesgericht zijn Joe Hill Louis' mondharmonica instrumental Twisting And Turning (On The Floor) en You Don't Love Me van de op 25 oktober 2021 overleden Willie Cobbs. De CD sluit af met de instrumentale piano boogie Joggie Boogie van Memphis Slim & Willie Dixon inclusief twee uitgebreide contrabas solos, zij het in een boogie woogie setting, niet in de rock 'n' roll setting van hun bekendere Rock And Rolling The House. Wie eerder al Southern Bred CD’s kocht zal tevreden zijn met deze nummer 24, voor wie de reeks eens een keertje wil uitproberen is deze een goeie instapper vanwege zijn hoog rock 'n' roll gehalte. Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)

This series goes on and on without any numbering system (which makes collecting them all the more fun), but this is the 24th Southern Bred CD (not counting samplers) and the fourth dedicated to black rock 'n' roll and rockin' rhythm 'n' blues (Bobby "Blue" Bland's Loan A Helping Hand) recorded by artists from the neighbouring states of Tennessee and Arkansas, including several songs by artists already featured on the previous Tennessee & Arkansas CD’s. The unofficial title is Dippin' Is My Business after the stop-start rocker of the same title by Rose Marie McCoy who came from Arkansas but has an accordion in her ranks, an instrument we associate more with zydeco and cajun. Dippin' Is My Business has nothing to do with these styles - I'd say the atmosphere of this song with Mickey Baker on guitar and Sam "The Man" Taylor on tenor sax leans more towards New Orleans. The 28 track CD starts rightaway with a big surprise: Dee Clark who I mainly associate with the relaxed Hey Little Girl goes Little Richard in the wild 24 Boyfriends, whereas his Because I Love You So which is also on the album is in his more typical calm style. The 28 tracks cover the years 1939 to 1962 but don't let that put you off: the semi-acoustic Diggin' My Potatoes by Washboard Sam has sent packed dancefloors on a bluesboppin' spree since 1939, and an instrumental like Al "Cake" Wichard's Boogie Woogie Upstairs from 1949 is basically piano boogie with (Texas born) Pee Wee Crayton's mean rhythm 'n' blues guitar on top. Piano boogie woogie also forms the basis of Memphis Slim's uptempo rockin' rhythm 'n' blueser No Mail Blues. Sam "The Man" Taylor brings along a complete big band on his sax instrumental Taylor Made, and compiler Mark Armstrong enthusiastically taps into the seemingly inexhaustible source of rhythm 'n' blues swing with Crown Prince Waterford's Leaping Boogie from 1948, Erline Harris' Never Missed My Baby from 1949, Joan Shaw's He Knows How To Hucklebuck from 1949, Connie Allen's What's Happening from 1950 and Tiny Davis' How About That Jive from 1951. Pure rock 'n' roll on the other hand are Larry Birdsong's Do You Love Me, The Hollyhocks' mambo doo-wop Don't Say Tomorrow (originally done by The Prisonaires on Sun Records), and All Shook Out by "Moohah", the only single recorded by a radio DJ whose real name was AC Williams. Joe Hill Louis' Rocket 88-like Hydramatic Woman is the more bluesy Big Town version from 1954 and not the more rockin' Sun version from one year before, Louis Jordan did it in 1954 streamlined in Ooo Wee and Cecil Gant sounds like Louis Jordan in his glory days in Hit That Jive Jack, a song that I think is from 1946 rather than from 1958 as indicated on the back cover of the CD. Lucille Barbee's Let The Church Roll On is uptempo gospel, more blues-oriented are Joe Hill Louis' harmonica instrumental Twisting And Turning (On The Floor) and You Don't Love Me by Willie Cobbs who died on october 25, 2021. The CD closes with Memphis Slim & Willie Dixon's instrumental piano boogie Joggie Boogie including two extended double bass solos, albeit in a boogie woogie setting, not in the rock 'n' roll setting of their better known Rock And Rolling The House. If you bought Southern Bred CD’s before you'll be satisfied with this here number 24, but if you've been putting off trying out the series this is a good one to give it a go because of its high rock 'n' roll content. Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)


SADIE'S GENTLEMEN'S CLUB VISIT 02: FLIRTIN'
Atomicat, ACCD107
English version: see below

Volume 1 in deze nieuwe vijfdelige Atomicat reeks verpakt als striptease rock maar bestaande uit rock 'n' roll, swing, blues swing, mysterieuze instrumentals, titty shakers, popcorn, twist, pop, exotica, space age, crooners en soul van de jaren '40 tot 1963 was een erg bont gevarieerde CD maar zeer zeker groovy. Volume 2 is van evenveel muzikale markten thuis en opent met Frankie Ford's gezellige New Orleans rocker Cheatin' Woman. Naar die muziekstad verwijzen nog enkele nummers zoals het percussieve sfeertje van Flirtin' van Sonny & the Premiers, de oosterse flair van de smeuïge saxofoonpartijen van Lloyd Price's rhythm 'n' blues jumper Frog Legs, en de originele versie van You're The Boss door LaVern Baker & Jimmy Ricks in Elvis Crawfishin' in King Creole mood, gecoverd door Elvis en Ann Margaret in Viva Las Vegas, een heel andere Elvis film. Zoals zo goed als alle Atomicat CD’s wordt de CD gekenmerkt door een veelheid aan stijlen, gaande van zwarte pré-rock 'n' roll boogie swing (I Got A Big Fat Daddy van Helen Foster, Cannon Ball van Nora Lee King, Good Man van Kitty Stevenson) over zwarte rock 'n' roll (Fire Of Love van Bobby Lewis), Little Richard imitaties (Begging van Billy Binder), bluesbop (Huckle Up Baby van John Lee Hooker), swamprock (Slim Harpo's originele versie van het door Warren Smith op Sun gecoverde I Got Love If You Want It), doo-woppende zwarte vocal harmony (Bicycle Tillie van The Swallows, It Takes A Long Tall Brown Skin Girl van The Four Blues), vocal harmony variété (Cleo van The Mark VI) en bebop jazz swing (This Joint's Too Hip For Me van Betty Hall Jones) tot popcorn noir (Lonely Moon van Johnny Wells) en zwarte early sixties (The Ginger Snap van Little Bobby Moore, I Just Go For You van Jimmy Jones, Open Your Heart van Sugar Pie Desanto, The Slop Around van Buddy Guy). Dat betekent dus vooral zwarte muziek, maar er is ook plaats voor girl group sounds (That Boy John van The Raindrops), blanke bijna white rock (Little Chickie van Jimmy Kelly & the Rock-A-Beats), en de betere instrumentals (Wes Reynolds' gitaar/sax werkje Say There, de surfversie van Duane Eddy's Moovin' 'n' Groovin' door The Rhythm Rockers). De CD wordt voorts op smaak gebracht en gekruid met enkele bekende nummers als Betty Jean van Chuck Berry, A Cheat van Sanford Clark en uit Frankrijk de rechtdoor rocker Twist A St Tropez van Dick Rivers & les Chats Sauvages. Afsluiten doet ie met een minder bekend nummer van The Everly Brothers, het barokke de sixties aankondigende Nancy's Minuet. Voor wat het waard is: Melvin Smith's springerd Ugly George gebaseerd op uptempo bluesbop en de gitaar/piano go go jiver Bumbershoot van Phil Harvey (een schuilnaam voor Phil Spector) zijn mijn favorieten op deze CD waarop het aantal echte striptease Vegas Grind nummers opnieuw beperkt is, maar als gevarieerde rock 'n' roll compilatie is dit absoluut aanbevelenswaard door de relatieve onbekendheid van de nummers. Er zijn nog drie volumes op komst! Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)

Volume 1 in this new five part Atomicat series packaged as striptease rock but consisting of rock 'n' roll, swing, blues swing, mysterious instrumentals, titty shakers, popcorn, twist, pop, exotica, space age, crooners and soul from the 1940s to 1963 was a stylistically very varied CD but most certainly very groovy. Volume 2 also dips in many musical markets and opens with Frankie Ford's cosy New Orleans rocker Cheatin' Woman. A couple more songs reference that music city, such as the percussive atmosphere of Sonny & the Premiers' Flirtin', the oriental flair of the thick saxophone sounds of Lloyd Price's rhythm 'n' blues jumper Frog Legs, and LaVern Baker & Jimmy Ricks' original version of You're The Boss in Elvis Crawfishin' in King Creole mood, covered by Elvis and Ann Margaret in Viva Las Vegas, an entirely different Elvis film. Like pretty much all the Atomicat CD’s Sadie's Gentlemen's Club Visit 02: Flirtin' features a multitude of styles ranging from black pré-rock 'n' roll boogie swing (Helen Foster's I Got A Big Fat Daddy, Nora Lee King's Cannon Ball, Kitty Stevenson's Good Man) over black rock 'n' roll (Bobby Lewis' Fire Of Love), Little Richard copycats (Billy Binder's Begging), blues bop (John Lee Hooker's Huckle Up Baby), swamp rock (Slim Harpo's original version of I Got Love If You Want It, covered by Warren Smith on Sun), doo-woppin' black vocal harmony (The Swallows' Bicycle Tillie, The Four Blues' It Takes A Long Tall Brown Skin Girl), vocal harmony variety (The Mark VI's Cleo) over bebop jazz swing (Betty Hall Jones' This Joint's Too Hip For Me) to popcorn noir (Johnny Wells' Lonely Moon) and black early sixties (Little Bobby Moore's The Ginger Snap, Jimmy Jones' I Just Go For You, Sugar Pie Desanto's Open Up Your Heart, Buddy Guy's The Slop Around). That means mainly black music, but there's also room for girl group sounds (The Raindrops' That Boy John), white almost white rock (Jimmy Kelly & the Rock-A-Beats' Little Chickie), and the better instrumentals (Wes Reynolds' guitar/sax workout Say There, The Rhythm Rockers' surf version of Duane Eddy's Moovin' 'n' Groovin'). The CD adds extra flavour and spice with a couple of well known songs like Chuck Berry's Betty Jean, Sanford Clark's A Cheat and Dick Rivers & les Chats Sauvages' straight ahead French language rocker Twist A St Tropez. Sadie's closes up shop for the time being with a lesser known Everly Brothers song, the baroque Nancy's Minuet heralding the sixties. For what it's worth: Melvin Smith's bouncy Ugly George based on uptempo blues bop and the guitar/piano go go jiver Bumbershoot by Phil Harvey (a pseudonym for Phil Spector) are my favourites on this CD on which just like on Volume 1 the number of real striptease Vegas Grind type songs is limited, but as a varied rock 'n' roll compilation this comes highly recommended due to the relative unfamiliarity of the songs. There's three more volumes in store! Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)


ROCKIN' UP A STORM: ATOMICAT ROCKERS ISSUE 03
Atomicat, ACCD095
English version: see below

Het gaat snel bij Rhythm Bomb: in 2021 brachten ze inclusief bijpersingen het onwaarschijnlijke aantal van maar liefst 200 verschillende CD’s uit (+ 8 vinyl releases), wat betekent dat het vooruitgaat met hun reeksen. Atomicat Rockers is al aan nummer 3 van de voorzien vijf in een reeks die zoals zoveel Atomicat CD’s blanke en zwarte rock 'n' roll en aanverwanten door elkaar mengt, maar waar Volume 2 de nadruk leek te leggen op doo-wop, jive en teen rock, bespeur ik nu tussen de 28 tracks 1953-1963 een licht overwicht aan kalme blanke rock 'n' roll swing (opener Cool It Baby van Eddie Fontaine) en big label big sound rock 'n' roll swing met Boyd Bennett & the Rockets' Rockin' Up A Storm, Henry Wilson & the Bluenotes' Mighty Low, Snooky Lanson's Stop (Let Me Off The Bus) en Jim Lowe's cover van Chuck Berry's Maybelline. Bullmoose is een uitstekende jive rocker van Bobby Darin die velen hoger zullen inschatten dan zijn Splish Splash, en nog meer hoogstaande rock 'n' roll wordt opgediend door Bobby Freeman in Big Fat Woman. Doc Pomus, de auteur van zoveel klassiekers, horen we voor één keer zelf achter de microfoon onder het pseudoniem Doc Palmer met de snelle rockende rhythm 'n' blues swinger Bye Baby Bye. Er zijn donkere doo-wop klanken met het dubbelzinnige Laundromat Blues van The Five Royals, het over Mexico handelende Mexico Bounds van Sonny Thompson & the Champions en het niet-Mexicaans klinkende Loco van The Wheels. De strollers kunnen de dansvloer op met de blanke babe Jo Ann Campbell (Wassa Matter With You Baby), de zwarte Hank Ballard & the Midnighters (Sweet Mama Do Right) en de popcorn noir van Daddy Rollin' Stone van Jimmy Ricks & the Ravens, terwijl Don Head's Goin' Strong Meer rockabilly getint is. Let's Bop van Big Dave is geen rockabilly maar instrumentale big band saxofoon rock 'n' roll swing, Spanish Twist van The IB Special (= The Isley Brothers, het was de B-kant van Twist And Shout) is een instrumentale bewerking van La Bamba, The Individuals die hier La Bamba instrumentaal coveren zijn een groep van Champs saxofonist Danny Flores alias Chuck Rio en ze klinken dan ook exact zoals The Champs die bij mijn weten La Bamba zelf nooit opnamen. Gene Rockwell & the Falcons brengen een surfy Hava Nagila dat doet denken aan Dick Dale's versie, al bestaan er natuurlijk meer surfcovers van dit joodse volksliedje. Bekende brave rock 'n' roll is Ricky Nelson's in 1980 door The Stray Cats op hun debuut LP gecoverde My One Desire, maar een beetje vreemd vind ik de opname van nummers verpakt in violen zoals Robert Knight's Dance Only With Me en pop zoals Joanie Sommers' Johnny Get Angry die een stijlbreuk vormen met de rest van dit album en mijns inziens eerder thuishoren op reeksen als de 40-delige Teen-Age Dreams op Teenie Weenie Records. Als het dan toch teen rock moet zijn hoor ik liever Wally Lewis' melodieuze White Bobby Socks in de stijl van een Kathleen van Glen Glenn, en als het pop moet zijn prefereer ik het olijke Dynamite Darling van Otis Williams & the Charms of Billy Fury's You're Having The Last Dance With Me, een antwoord op Save The Last Dance For Me van The Drifters, één van die klassiekers geschreven door... Doc Pomus! U merkt het, dit is eens te meer een lukrake verzameling erg diverse rock 'n' roll stijlen met als gemeenschappelijke factor dat het allemaal goeie en bijna allemaal uptempo nummers zijn. Voor elk wat wilsch, zoals de reclame dat vroeger zo mooi uitschreeuwde, en ik krijg ondertussen My One Desire weer niet uit mijn hoofd. Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)

Things advance at Rhythm Bomb: in 2021 they released the incredible number of 200 different CD’s (+ 8 vinyls and including reprints), which means that their series are being released at breakneck speed. Atomicat Rockers is already at number 3 of the anticipated five in a series that like so many Atomicat CD’s mixes white and black rock 'n' roll and all their substyles, but whereas Volume 2 seemed to put the emphasis on doo-wop, jive and teen rock, I now seem to observe between the 28 tracks 1953-1963 a slight predominance of relaxed white rock 'n' roll swing (opener Cool It Baby by Eddie Fontaine) and big label big sound rock 'n' roll swing with Boyd Bennett & the Rockets' Rockin' Up A Storm, Henry Wilson & the Bluenotes' Mighty Low, Snooky Lanson's Stop (Let Me Off The Bus) and Jim Lowe's cover of Chuck Berry's Maybelline. Bobby Darin's Bullmoose is an excellent jive rocker that many will rate higher than his Splish Splash, and more high quality rock 'n' roll is served up by Bobby Freeman in Big Fat Woman. Doc Pomus, the writer of so many classics, can for a change be heard behind the microphone using the pseudonym Doc Palmer for the fast rockin' rhythm 'n' blues swinger Bye Baby Bye. There are dark doo-wop sounds with The Five Royals' double entendre Laundromat Blues, Sonny Thompson & the Champions' Mexican styled Mexico Bounds and The Wheels' not really Mexican sounding Loco. Strollers can hit the dance floor with white babe Jo Ann Campbell (Wassa Matter With You Baby), black boss Hank Ballard & the Midnighters (Sweet Mama Do Right) and the popcorn noir of Jimmy Ricks & the Ravens' Daddy Rollin' Stone. More rockabilly flavoured is Don Head's Goin' Strong, Big Dave's Let's Bop is not rockabilly but instrumental big band saxophone rock 'n' roll swing. Spanish Twist by The IB Special (= The Isley Brothers with the B-side of Twist And Shout) is an instrumental adaptation of La Bamba, The Individuals who turn in an instrumental cover of La Bamba are a band featuring Champs saxophonist Danny Flores aka Chuck Rio and sounding exactly like The Champs who as far as I know never recorded La Bamba themselves. Gene Rockwell & the Falcons deliver a surfy Hava Nagila that's reminiscent of Dick Dale's version, although there are of course several surf covers of this Jewish folk song. Well known goody goody rock 'n' roll is Ricky Nelson's My One Desire, covered in 1980 by The Stray Cats for their debut LP, but what I find to be rather odd is the inclusion of songs wrapped in violins like Robert Knight's Dance Only With Me and pop like Joanie Sommers' Johnny Get Angry that are a departure from the rest of the album and belong more on series like the 40 volume Teen-Age Dreams on Teenie Weenie Records. If it has to be teen rock I prefer Wally Lewis' melodic White Bobby Socks in the style of Glen Glenn's Kathleen, and if it has to be pop I rather hear Otis Williams & the Charms' jolly Dynamite Darling or Billy Fury's You're Having The Last Dance With Me, an answer to The Drifters' Save The Last Dance For Me, one of those classics written by.... Doc Pomus! As you already guessed this is another random collection of very diverse rock 'n' roll styles with the common factor that all the songs are good and most of them are uptempo. There's something for everybody to enjoy here, as publicity used to state in the old days, and in the meantime My One Desire is stuck in my head.Info: www.vintagerockinroots.com (Frantic Franky)

5 januari 2022

BE MY GIRL/ JIM DALE
Jasmine, JASMCD 2724
English version: see below

Jim Dale is een Britse all round entertainer die ook rock 'n' roll opnam. In 1957 was hij op BBC TV een van de presentators van het rock 'n 'roll programma Six-Five Special en hij was dus uitstekend geplaatst om zijn vinger op de muzikale pols te houden, wat voor een CD met als ondertitel The Rockin' Years helaas meer pop dan rock 'n' roll betekent. Historisch detail: Dale was de eerste pop act getekend door producer George Martin die in de jaren '60 het productiegenie achter The Beatles werd. Deze CD bevat 29 tracks waarvan er één zijn CD debuut maakt, het uptempo pop/rock nummer met veel glijdende trombone I Didn't Mean It dat niet op de in 2009 op Pink 'n' Black Records verschenen Jim Dale 32 track CD The Early Years stond. Be My Girl opent met Piccadilly Line, een leuke parodie op Lonnie Donegan's skiffle classic Rock Island Line maar dan over de gelijknamige Londense metrolijn inclusief arriverend en vertrekkend metrostel. Dat nummer is echter niet representatief want Dale's versies van bekende songs zoals All Shook Up, Don't Let Go, Wandering Eyes (Charlie Gracie), Kisses Sweeter Than Wine en Sugartime zijn, no pun intended, even suikerzoet als zoete wijn. Verbazingwekkend hoe soft hij Johnny Burnette's rockabilly classic Train Kept A-Rollin' kan laten klinken! Dale grossierde overduidelijk in beschaafde teen rock met veel achtergrondkoortjes (de (fake live?) Eddy Arnold cover Crazy Dream, Be My Girl, The Story Of My Life, Crazy For You, Gotta Find A Girl) die slechts één stap verwijderd was van popnummers als de Sal Mineo cover You Shouldn't Do That, de Perry Como cover Just Born (To Be Your Baby), Jane Belinda, My Resistance Is Low, One Boy One Girl en Start All Over Again, met de space race variété novelty The Legend Of Nellie D. als enige buitenbeentje. De CD bevat in mindere mate ook crooner swing (I’m In The Market For You, Undecided, T'Ain't What You Do) en western geïnspireerd werk als Tread Softly Stranger en Song Of The Pine Tree. De invloed van Bobby Darin en Frankie Laine? Het rock 'n' roll gehalte van deze CD die Dale's complete opnames 1957-1962 bevat staat dan ook op een laag pitje, maar zolang je maar weet wat je in huis haalt is daar niks mis mee want de muzikale kwaliteit is hoog. Jim Dale werd in de jaren '60 een van de vaste akteurs in de Britse komische Carry On films, verdient de laatste 20 jaar zijn kost met het inspreken van audiobooks van Harry Potter, en is nu 86 jaar. Haal 'em naar een Tales From The Woods show! Info: www.jim-dale.com en www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)

Jim Dale is a British all round entertainer who also recorded rock 'n' roll. In 1957 he was one of the presenters of the BBC TV rock 'n' roll show Six-Five Special, so he was perfectly placed to keep his finger on the musical pulse, which for a CD with the subtitle The Rockin' Years unfortunately means more pop than rock 'n' roll. Historical detail: Dale was the first pop act signed by producer George Martin who in the sixties became the production genius behind The Beatles. This CD contains 29 tracks one of which makes its CD debut, as the uptempo pop/rock song I Didn't Mean It with lots of sliding trombone was not on the 2009 Jim Dale 32 track CD The Early Years issued on Pink 'n' Black Records. Be My Girl opens with Piccadilly Line, a fun parody of Lonnie Donegan's skiffle classic Rock Island Line about the London underground line of the same name, including an arriving and departing metro train. That song is however not representative because Dale's versions of well known songs like All Shook Up, Don't Let Go, Wandering Eyes (Charlie Gracie), Kisses Sweeter Than Wine and Sugartime are, no pun intended, as sugary as sweet wine. Amazing how tame he can make Johnny Burnette's rockabilly classic Train Kept A-Rollin' sound! Dale obviously wholesaled in civilised teen rock with lots of backing vocals (the (fake live?) Eddy Arnold cover Crazy Dream, Be My Girl, The Story Of My Life, Crazy For You, Gotta Find A Girl) just one step away from pop songs like the Sal Mineo cover You Shouldn't Do That, the Perry Como cover Just Born (To Be Your Baby), Jane Belinda, My Resistance Is Low, One Boy One Girl and Start All Over Again, with the space race variety novelty The Legend Of Nellie D. as the odd one out. The CD also contains to a much lesser extent crooner swing (I'm In The Market For You, Undecided, T'Ain't What You Do) and western inspired songs like Tread Softly Stranger and Song Of The Pine Tree. The influence of Bobby Darin and Frankie Laine? In the end the rock 'n' roll content of this CD containing Dale's complete recordings 1957-1962 is rather small, but as long as you know what you're buying there's nothing wrong with that because the musical quality is high. Jim Dale became one of the regular actors in the Carry On film comedies in the 1960s, for the last 20 years has been making a decent living voicing Harry Potter audiobooks, and is now 86. Book him on a Tales From The Woods show! Info: www.jim-dale.com en www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)


GOSPEL TRAIN, THE MARY KNIGHT STORY 1946-62/ MARIE KNIGHT
Jasmine, JASMCD3225
English version: see below

Als de naam Marie Knight u iets zegt is de kans groot dat het vanwege haar verschroeiende I Told You Not To Tell Them uit 1958 is, een onstuimige brok swingende sax jive in Little Richard stijl. Uit deze CD blijkt echter dat Knight, een contralto of contra-alt, de laagste vrouwelijke zangstem, in de eerste plaats een sterk door Mahalia Jackson beïnvloede gospelzangeres was, want bijna de helft van de 31 mono tracks hier destijds verschenen op tien verschillende labels, zijn gospel. Dat gaat van plechtige vocal harmony zoals I’ll Let Nothin' Separate Me From The Lord uit 1946, één van haar allereerste singles (nou ja, 78 toeren), over semi-akoestische vooroorlogse piano (My Journey To The Sky) en piano/gitaar blues (Precious Memories), soms met swingende Mills Brothers-achtige backings van gospelgroepen luisterend naar namen als The Dependable Boys (Gospel Train) en The Sensational Nightingales (Satisfied With Jesus), maar evengoed semi-akoestisch gitaarpickend rockend zoals in het bekende Up Above My Head uit 1947 in duet met Sister Rosetta Tharpe met wie ze vanaf eind jaren '40 tot midden jaren '50 intensief samenwerkte - de CD bevat vijf duetten met Tharpe, de gospelzangeres die wordt beschouwd als de grootmoeder van de rock 'n' roll. Nu is er inderdaad niets mis met gospel zolang het maar niet de popmissen zijn waar wij in de jaren '70 naartoe werden gestuurd in de hoop dat we dan toch iéts van godsdienstige opvoeding zouden meekrijgen, en uptempo nummers hier als het reeds vermelde Up Above My Head en Gospel Train zijn opwindender dan ze wellicht bedoeld waren. Na haar split met Sister Rosetta Tharpe en naarmate de jaren '50 vorderden werd Knight's muziek commerciëlere gospel pop die tussen gospel en niet-gospel in hing, zoals het dubbel interpreteerbare semi-akoestische bluesje I Just Can't Keep From Cryin' of This Old Soul Of Mine dat kerkmuziek inclusief kerkorgel is zonder expliciet the Lord te vermelden. Dat home waar ze het over heeft hoeft immers niet persé de hemel te zijn, nietwaar? Al even merkwaardig is een nummer als Sing And Shout dat evengoed als een commentaar op de rassenscheiding kan geïnterpreteerd worden.
Over naar de seculiere songs, waarin rock 'n' roll de minderheid vormt: ik haal de door Titus Turner geschreven stop-starter Grasshopper Baby aan, de teener I'm The Little Fooler, en de geweldige poprocker I Can't Sit Down, een vrolijk duet met Rex Garvin waarin Knight's gospel roots weerklinken. De eveneens door Titus Turner geschreven ballade Tell Me Why koppelt crooner zang aan begeleiding in Fats Domino stijl, As Long As I Love is een ballade met doo-woppende backing vocals, en Hope You Won't Hold It Against Me, Look At Me en September Song (merkwaardig genoeg de B-kant van dat wilde I Thought I Told You Not To Tell Them) zijn pure crooners. Miracles is opnieuw een ballade, To Be Loved By You uit 1960 en het knappe Come On Baby (Hold My Hand) uit 1962 zijn popcorn noir, en Nothing In The World uit 1961 is early sixties pop op de drempel van de soul. De CD illustreert het volledige traject dat Marie Knight aflegde van jaren '40 gospel tot jaren '60 soul en het is opvallend hoe soulvol een single als Blessed Be The Name Of The Lord / Stand By Me (niet het Ben E. King nummer) al klinkt: dit is pure soul... in 1956! Het schept dan ook geen verbazing dat Knight's croonerstijl begin jaren '60 werd getransformeerd in vroege soulballades als What Kind Of A Fool (Do You Think I Am) en het door Don Covay geschreven I Was Born Again, dezelfde stijl waaruit een Aretha Franklin zou opstaan. De bekendste songs op de CD zijn het al eerder vermelde en door Sleepy LaBeef gecoverde Up Above My Head, de midden jaren '60 door de Britse R 'n' B groep Manfred Mann gecoverde crooner Come Tomorrow, en het ook al als gospel én als zwarte aanklacht te beschouwen Trouble In Mind, een vaudeville blues uit de jaren '20 die ook werd opgenomen door Tennessee Ernie Ford, Conway Twitty, Fats Domino, Sam Cooke, The Everly Brothers, Jerry Lee Lewis, Sonny Burgess en Bill Haley. Alvorens opnieuw en dit keer definitief over te stappen naar de gospel scoorde Knight in 1965 nog een hit met haar cover van Julie London's Cry Me A River, maar dat nummer valt buiten het bereik van deze out-of-copyright CD die ondanks zijn hoge gospel- en croonergehalte niet alleen erg toegankelijk maar vooral heel erg goed is, een bewijs van de topkwaliteit die deze vandaag de dag vergeten zangeres in de stijl van een Etta James in huis had. Marie Knight overleed in 2009 op 89-jarige leeftijd.
Info: www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)

If the name Marie Knight means something to you chances are it's because of her scorching I Told You Not To Tell Them, an incredible chunk of swinging sax jive in Little Richard style from 1958. This CD shows however that Knight, a contralto, the lowest female voice, was first and foremost a gospel artist influenced by Mahalia Jackson, as almost half of the 31 mono tracks here which appeared on ten different labels, are gospel. These range from solemn vocal harmony like I'll Let Nothin' Separate Me From The Lord, in 1946 one of her very first singles (well, 78 RPMs), to semi-acoustic pré-war styled piano (My Journey To The Sky) and piano/guitar blues (Precious Memories), sometimes with swinging Mills Brothers-like vocal backings from gospel groups with names like The Dependable Boys (Gospel Train) and The Sensational Nightingales (Satisfied With Jesus), but also semi-acoustic guitar pickin' rockin' as in the well known Up Above My Head from 1947, a duet with Sister Rosetta Tharpe with whom she worked intensively from the late forties to the mid fifties - the CD contains five duets with Tharpe, the gospel singer who is considered the grandmother of rock 'n' roll. Now there's nothing wrong with gospel as long as it's not the folk masses we were sent to in the seventies in the hope of at least picking up a minimum of religious education, and uptempo songs here like the aforementioned Up Above My Head and Gospel Train are more exciting than they may originally have been intended. After her split with Sister Rosetta Tharpe and as the fifties progressed Knight's music became more commercial gospel pop fare in between gospel and secular music, such as the both ways interpretable semi-acoustic blues I Just Can't Keep From Cryin' or This Old Soul Of Mine which is church music with church organ without explicitly mentioning the Lord. The home she's talking about doesn't necessarily have to be heaven, right? Equally remarkable is a song like Sing And Shout that could just as well be interpreted as a comment on racial segregation.
Over to the secular songs, in which rock 'n' roll forms the minority. There's the stop-starter Grasshopper Baby written by Titus Turner, the teen rocker I'm The Little Fooler and the excellent pop rocker I Can't Sit Down, a cheerful duet with Rex Garvin in which Knight's gospel roots shine through. The ballad Tell Me Why, also written by Titus Turner, combines crooner vocals with Fats Domino-style accompaniment, As Long As I Love is a ballad with doo-woppin' backing vocals, and Hope You Won't Hold It Against Me, Look At Me and September Song (oddly enough the B-side of the wild I Thought I Told You Not To Tell Them) are pure crooners. Miracles is another ballad, To Be Loved By You from 1960 and the mighty fine Come On Baby (Hold My Hand) from 1962 are popcorn noir, and Nothing In The World from 1961 is early sixties pop on the brink of soul. The CD illustrates Marie Knight's trajectory from forties gospel to sixties soul, and it is striking how soulful a 45 like Blessed Be The Name Of The Lord / Stand By Me (not the Ben E. King number) already sounds: this is pure soul... in 1956! It's therefore no surprise that Knight's crooner style in the early sixties transformed into early soul ballads like What Kind Of A Fool (Do You Think I Am) and the Don Covay written I Was Born Again, the same style from which a superstar like Aretha Franklin would rise. The best known songs on the CD are Up Above My Head as covered by Sleepy LaBeef, the crooner Come Tomorrow as covered in the mid-sixties by British R 'n' B group Manfred Mann, and Trouble In Mind which can also be considered both gospel and social comment, a vaudeville blues from the twenties that was also recorded by Tennessee Ernie Ford, Conway Twitty, Fats Domino, Sam Cooke, The Everly Brothers, Jerry Lee Lewis, Sonny Burgess and Bill Haley. Before definitively switching to gospel again Knight scored a hit in 1965 with her cover of Julie London's Cry Me A River, but that song is beyond the scope of this out-of-copyright CD which despite its high gospel and crooner content is not only very accessible but above all very good, and proof of the top quality that this nowadays forgotten singer in the style of Etta James had to offer. Marie Knight died in 2009 at the age of 89.
Info: www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)


BLOWIN’ & ROCKIN’ 1949-1955/ BIG JOHN GREER
Jasmine, JASMCD3227
English version: see below

Bear Family bracht in 1992 de driedubbele Big John Greer CD Rockin' With Big John uit met Greer's volledige RCA en Groove recordings, uitgave die al lang deleted is, en ik ken Bear Family verzamelaars die er zich al een breuk achter gezocht hebben. In afwachting van kunnen zij alvast genoegen nemen met deze samenvatting. De in 1972 op 48-jarige leeftijd overleden tenorsaxofonist die het vak leerde eind jaren '40 in het orkest van Lucky Millinder is in rock 'n' roll kringen het bekendst vanwege zijn nummer Come Back Maybelline uit 1955, een antwoord op Maybelline van Chuck Berry. Die rocker is echter niet echt representatief voor de rest van deze 27 tracks tellende CD die je veeleer dient te beschouwen als een big band swing versie in combo uitvoering van rhythm 'n' blues groovers als Wynonie Harris en Roy Brown. De nadruk ligt op 's mans uptempo shuffles en gelukkig maar want Greer heeft ook een heleboel sentimenteel-melancholische haast film noir-achtige nummers opgenomen. Dat betekent veel honkende sax maar ook plaats voor trombone, klarinet en trompet, opgenomen met orkesten waarin we namen als Sam "The Man" Taylor (tenorsax), Al Sears (tenorsax), Bill Doggett (piano), Rene Hall (gitaar), Al Casey (gitaar), Mickey Baker (gitaar), Panama Francis (drums) en The Du Droppers (backing vocals) aan het werk horen, muziek die automatisch overging in rock 'n' roll: hoor hoe stevig een nummer als I’ll Never Let You Go uit nota bene 1952 rockt! Zo kom je inderdaad uit bij solide jive en strakke jump blues als Clambake Boogie, waarbij het de combinatie van de swingende muziek en die beschaafde haast vooroorlogse zang van Greer's warme, lichtvoetige stem is die het 'em doet. Het instrumentale Big John's A Blowin' is een honker eerste klas, Have Another Drink And Talk To Me is gebaseerd op gospel patronen, Bottle It Up And Go werd in België gecoverd door The Seatsniffers, en er zijn twee kerstsongs, de mambo We Wanna See Santa Do The Mambo en de ballade Wait Till After Christmas. Voor een CD getiteld Blowin' & Rockin' staan hier trouwens meerdere slows op: op nummers als Will I Be The One, I'll Never Stop Loving You en I Didn't Know is het tegelschuifelen geblazen. Ook Greer's enige hit, het door Big Joe Turner, Brook Benton, Jerry Lee Lewis, Sleepy LaBeef en Orion gecoverde Got You On My Mind uit 1951, is een traag nummer. Een mens kan niet alles hebben, maar wat mij betreft hadden die trage nummers mogen vervangen worden door nog meer snel werk als You Played On My Piano, Blam, I Want Ya I Need Ya, Can't Stand It Any Longer, Don't Worry About It, Drinkin' Fool of I Need You, keuze genoeg. Wat niet wegneemt dat u dit blindelings mag aanschaffen als u een beetje houdt van deze stijl, tenzij u die Bear Family release al hebt want die bevat alle 27 tracks hier.
Info: www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)

In 1992 Bear Family released the triple Big John Greer CD Rockin' With Big John with Greer's complete RCA and Groove recordings, a release that has long been deleted, and I know Bear Family collectors who have been looking for it for ages. In the meantime they can settle for this summary. The tenor saxophonist who died in 1972 at the age of 48 and learned his trade in the late forties in Lucky Millinder's orchestra is best known in rock 'n' roll circles for his Come Back Maybelline from 1955, an answer song to Chuck Berry's Maybelline. That rock 'n' roll tune is however not really representative for the rest of this 27 track CD which is more in a big band swing version of rhythm 'n' blues groovers like Wynonie Harris and Roy Brown played in small combo vein. Thankfully the emphasis is on Greer's uptempo shuffles as he also recorded a lot of sentimental melancholic almost film noir-like songs. This means a lot of honking sax but also room for trombone, clarinet and trumpet, recorded with orchestras in which we hear artists like Sam "The Man" Taylor (tenor sax), Al Sears (tenor sax), Bill Doggett (piano), Rene Hall (guitar), Al Casey (guitar), Mickey Baker (guitar), Panama Francis (drums) and The Du Droppers (backing vocals), music which automatically turned into rock 'n' roll: hear how strong a song like I'll Never Let You Go from 1952 rocks! In the end it all becomes solid jive and tight jump blues like Clambake Boogie, and it's the combination of the swinging music and the civilised, almost pré-war singing style of Greer's warm, light hearted voice that does the trick. The instrumental Big John's A Blowin' is a first class honker, Have Another Drink And Talk To Me is based on gospel patterns, and there are two christmas songs, the mambo We Wanna See Santa Do The Mambo and the ballad Wait Till After Christmas. For a CD titled Blowin' & Rockin' there are several slows on here by the way: songs like Will I Be The One, I'll Never Stop Loving You and I Didn't Know can be danced to on one tile. Greer's only hit, Got You On My Mind from 1951 which was covered by Big Joe Turner, Brook Benton, Jerry Lee Lewis, Sleepy LaBeef and Orion, is also a slow song. One can't have everything, but as far as I'm concerned those slow songs could have been replaced by faster stuff like You Played On My Piano, Blam, I Want Ya I Need Ya, Can't Stand It Any Longer, Don't Worry About It, Drinkin' Fool or I Need You, plenty to choose from. Which shouldn't stop you from buying the CD if you dig this style, unless you already have that Bear Family release which contains all 27 tracks here.Info: www.jasmine-records.co.uk (Frantic Franky)





Lees hier de oudere recensies

Terug naar de voorpagina